Ik kan het toch niet laten om er iets over te schrijven. Gewoon omdat het maandag is. Ik zeg lean, agile , scrum…………..klinkt als …….. Toch!?

Ben ik de enige die management woorden leest als porno?
Scrummen
Ik scrum, jij scrumt, wij scrummen…

zal ik jou eens ff lean scrummen zodat je er helemaal agile van wordt …

Collegiale visitatie
Kan
Ik ook niet meer hardop zeggen
Sinds iemand me zei dat VISITATIE bij de politie toch andere betekenis heeft
En dat niemand zich daar
Bij de politie dus
Vrijwillig zou overgeven
Collegiaal gevisiteerd te worden nee dank u alleen met rubberhandsxhoenen en eigenlijk dan ook liever niet

Goeie reden
Om er op andere plekken
Ook mee op te houden
En wanneer het MT
(MT Lid klinkt trouwens ook ineens raar)
Collegiale visitatie voorstelt
Op de werkvloer nog wel
Dit te beschouwen als een
Zeer oneerbaar voorstel. Net als dat gezamenlijk gescrum in de vergaderzaal. Aan sta tafels het liefst hoorde ik en dat het dan nog sneller gaat…

Echte Organisatie porno
Daar is natuurlijk niks mis mee
Lust en Lol
Beetje spanning op de werkvloer
Ik zeg doen. Meer nog
Dan normaal. Daarmee neem je het weekend mee de week in. Heerlijk.

Hey collega?
Ff een rondje scrummen samen?

Ja is goed
Kopieerhok doen?

Fijn.
Het is weer maandag ūüėé

Advertenties

 

Het zijn de eerste dagen van de vakantie. Heerlijk zeggen we steeds tegen elkaar. En dit was pas dag 1 !! Als we het uitspreken juicht het inwendig een beetje. Pas dag een!! En we zijn een maand!!

Een hele maand. Het voelt als een oneindigheid van lucht en zon en zee en strand en alles. We eten en drinken met oude bekenden en nieuwe vrienden. De vakantie strekt zich voor ons uit in tijdloosheid. Oneindige tijdloosheid. Oneindig veel ruimte om ons heen en voor ons uit. We komen langzaam in het ritme. Net als de trommels op het strand.

Een maand op onze camping is niet alleen vakantie meer maar wordt ook een beetje wonen. We maken geen deel uit van de voorbij gangers maar we horen bij de blijvers. Ik rijd over de binnendoor weggetjes naar de echte vlooienmarkt elke zondag. Ik weet waar de gaten in de weg zitten en stuur er soepel langs. De maandag na de zondag is ineens de dag waar we allemaal tegelijk de was doen en onze camping plaatsen cleanen. We zijn los van elkaar begonnen uit alle hoeken van Europa en gaan langzaamaan soort van synchroon leven. Er ontstaat een natuurlijk ritme. We koken samen aan de bbq. We praten over de entrecotes van vorige week.Over het optreden van morgen dat zo heerlijk weer de herhaling is van de afgelopen weken.

Waar je in het dagelijks leven last hebt van routine en patronen en er van alles aan doet om ze te doorbreken Zijn vakantie patronen juist heel heerlijk. Natuurlijke patronen en ritme dat je past. Niet opgelegd door iets of iemand. We deinen op het vakantie ritme zoals we s’ochtends vroeg doen op de golven van de zee in ons baaitje. Ik voel het : ik wil dat ook thuis straks. Mijn eigen natuurlijk ritme blijven volgen in leven leren en in werk. En (nog) meer plezier maken om dat werken heen.

Ik zie het hier ook aan de mensen die wel werken en op de camping staan. De koks en barmannen. De marktkraamverkopers en de chauffeurs. Ze werken en ze vieren feest. Het kan ook naast elkaar bestaan. Vooral ook wanneer je samen de open ruimte deelt en invult. Jezelf niet op sluit in je eigen huis of kantoor maar elkaar ontmoet buiten dat wat alleen van jou is. De lounge en de bbq hier op de camping zijn als pleinen in de stad. Ze zijn van iedereen en van niemand en daarom gebeurt het leven samen daar. Er zijn gesprekken en er is samen muziek. We dansen lachen praten zingen voor de mensen die hun verjaardag vieren: en huilen mee soms ook omdat er plaats is voor verdriet.Het is er allemaal.

Het leven hier lijkt zo samengebundeld en uitvergroot op het echte leven thuis. Zeker ook omdat de meeste mensen hier elk jaar komen. We zien onze kinderen opgroeien die ook deze zomer met elkaar optrekken in wisselende samenstelling. Ze trekken hun eigen plan hier op het terrein. Ze zijn er altijd bij. En ze zijn op zichzelf. Van welke leeftijd ze ook zijn. Ze gaan hun eigen gang. Hebben alle ruimte. En zo voelt het zelf ook. Alle ruimte voor alles. Ruimte in mijn hoofd en ruimte in mijn hart.

Vakantie. De zon schijnt en je voelt je vrei zo schreef Alex op een tekening hier twee jaar geleden.

Ik weet het weer omdat ook mijn facebookherinneringen allemaal over de camping gaan. De jaren komen samen. Analoog en digitaal.

Ruimte. Op een dinsdag zijn we ineens op de helft van de maand. De helft van de vakantie. Als een weegschaal die nog even wiebelt voordat ie doorslaat naar een kant. De tijd krijgt weer meer vat. De dagen lijken ook in al hun loomheid toch minder traag voorbij te glijden. We staan vroeger op en we gaan later naar bed om de tijd zo lang mogelijk te rekken.
We zwaaien mensen uit en we heten mensen welkom. Die we soms ook weer uitzwaaien. Want sommigen van hen zijn hier maar zo kort. En wij zijn hier oneindig.

Nu zijn we sinds gisteren aan onze laatste week begonnen. Ook de eerste blijvers beginnen weg te gaan. We gaan de eerste Laatste Keren in. Zoals de laatste dinsdagavond Ladies dance with THE big boss night. Met luid applaus bedanken we samen de DJ.

Wij kijken als we rondrijden naar de huizen die we willen kopen en we praten over volgend jaar. Maybe next year zeggen we tegen elkaar bij alles wat we weer niet gedaan hebben dit jaar en de plekken die we nog steeds niet hebben bezocht. Gelukkig blijft er genoeg over voor nog heel veel jaren

Oneindig veel

Er ontstaan steeds meer lege plekken op de camping en de gesprekken gaan vaker over thuis. Over ouders om naar terug te gaan en kinderen die we missen omdat ze er dit jaar niet bij waren.

Ik wil ook wel weer naar huis mam, zegt Alex want ik mis Charlie.

Nog een paar dagen. Dan gaan we

Zon zee lucht licht leven
En al die nieuwe ruimte
Die neem ik mee
Straks weer
Naar huis

De dag van de Retoriek had dit jaar OVERGAVE als thema. Mijn verhaal ging over openhartig leven en zijn. Er werden tranen gehuild en gelachen. Allemaal tegelijk. Hieronder het verhaal dat ik voorlas.

Overgave is echt tot heel diep in je binnenste toelaten wat er op je af komt.

`dat was de zin die me vastpakte, toen ik op Google even het woord ‚ÄúOvergave‚ÄĚ in tikte

Op 29 juni 2012 ben ik van een gelukkige vrouw ineens een Jonge Weduwe. Midden in ons gelukkig leven staat niet alleen zijn hart maar ook mijn wereld stil. Ik kon niet anders dan diep in mijn binnenste binnen laten wat er op mij af kwam. Dood. Rouw. Me overgeven aan Verlies. Verdriet. Mijn wereld ging dicht. Net als mijn hart. Of eigenlijk ging het open. Anders open dan ervoor. Die wereld van verdriet en rouw kent ook een wereld van licht en liefde en heel dichtbij alles zijn. Het maakt dat alles recht je hart in gaat. De bescherming is er af.. Als je kapot bent van verdriet, als je hart gebroken is, komt er ook iets binnen.

There is a crack in everything that is how the light gets in

Overgave. Gaat voor mij over open hartig leven. Ik koos het als woord voor dit jaar. Open hartig zijn. Mijn hart weer open stellen. Nadat het zo lang. Soort van dicht is geweest. Vanwege al het verdriet. Of eigenlijk was het toen ook open. Alleen gierde de dood er zo in rond. Dat ik toen nog niet besefte.. Dat het juist meer open was gegaan. Dat hart van mij.

Open hartig zijn

Ik heb niet zo’n moeite meer met overgave.¬†Geloof ik.¬†Ik geef me graag over.¬†Laat voluit heel diep in mijn binnenste komen wat er op me afkomt.¬†Leven.¬†Werk.¬†Mensen.¬†Llefde.¬†Lievelings.¬†Ik geloof wel dat ik.¬†Moeilijk maat kan houden.¬†Nog minder goed dan vroeger zelfs.¬†En toen ging ik al best wel hard.¬†Ik ga er het.¬†Liefst vol in.¬†Het leven.¬†De Liefde.¬†Alles.¬†Het ten volle aan

Je moet je niet zo overgeven aan je verdriet misschien. Zeiden mensen tegen me. Toen ik midden in mijn verdriet zat.Je moet jezelf er niet in verliezen. Terwijl ik alles was verloren. Ik begreep het niet. Ik wilde er juist midden in duiken. En het vol overgave om armen. Pijn. Tranen. Snot.. Er dwars door heen. En dat deed ik ook. Zonder rem. Vol overgave

Wij gaan op Berenjacht.¬†Was het boek dat ik vroeger Alex voorlas. “We kunnen er niet boven over.¬†We kunnen er niet om heen.¬†We kunnen er alleen dwars door heen.¬†Zwieperdezwiep door het wuivende gras. Met wapperende haren”.

Zo vol overgave ik de dood aan ging. Zo ga ik nu ook het leven aan. En de liefde. Overgave In iets. In iemand. En hoe Heerlijk dat weer is. Nieuwe Liefde. Lust. Ik lust er nog wel een paar. Maar ja. Misschien is dat net een beetje te openhartig. Dan weer. Hier in de kerk

Open hartig wil ik graag zijn en leven. Maar ja. Dat hart heeft natuurlijk wel. Een beetje. Een opdonder gehad. Ik sta nog een beetje verkeerd afgesteld. Grapte ik met mijn jonge weduwe vriendinnen. Toen we het samen hadden. Over de nieuwe stappen op het Liefdespad. Die ieder van ons. Op haar eigen manier weer zet. En hoewel je misschien zou denken van niet. Gaan de meesten van ons. Er toch vol overgave weer in. Het Leven. De Liefde. En veel meer zichzelf. Dan ze ooit waren. Wat voor een ander. Soms best ingewikkeld te hanteren is

Ik kan moeilijk doseren. En ik kan ook minder goed voelen. Wat goed is. Waarschijnlijk om dat het nu zoveel beter met me gaat. In de tijd dat ik alle zeilen moest bij zetten. Om mezelf overeind te houden. Wist ik precies hoe te doseren. Mijn primitieve zelf werkte perfect. Ik kon me overgeven aan mijn instinct wat me vertelde. Wat goed voor me was. Ik hoefde mezelf alleen maar binnen te laten komen. Nu ik me weer meer overgeef aan het Leven. Mijn hart open stel voor andere mensen. Voor andere dingen. Voor werk. Voor liefde. Mezelf wil verliezen. Verlies ik mezelf. En twijfel ik vaker of ik wel de juiste richting ga. Of laat ik wat andere mensen vinden. Weer meer binnen komen. Dan ik eigenlijk wil

Als je nou es wat dingen doet. Zonder dat je daarna je excuses hoeft aan te bieden. Zei mijn vader me ooit eens. Dat scheelt ook weer. Ja dacht ik. Goed plan. Maar ja. Het lukt me niet zo goed. En de laatste tijd vraag ik me ook vaker af. Of het wel goed voor me is. Als het me wel zou lukken. Om me meer in te houden. Om de rem wat vaker in te trappen. Ik wil liever leven zonder teveel rem. Ongeremd. Ineens voel ik wat dat woord betekent

Overweldigende openhartigheid. zou toch eigenlijk iets heerlijks moeten zijn. Toch we zijn het toch niet zo gewend. En ik zelf ook nog niet altijd. Hoe openhartig in het normale leven. Naar buiten toe te leven. Openhartig leven en zijn. Vorig weekend ging ik op stap. Met drie jonge weduwe vriendinnen. Blond zijn we en stralend. Je ziet er niks van. Je ziet niks aan ons. Of misschien juist ook wel. Want die stralende openhartigheid. Die delen we samen. En dat zien andere mensen ook. Zonder dat ze weten wat ons bindt. Natuurlijk

“Hebben jullie ook een man?”¬†Vroeg een van de mannen van een heel voetbalelftal.¬†Ons in de kroeg.¬†Ja, zei Sanne met haar stralende lach.¬†Wij hebben allemaal een man.¬†Een dooie man.¬†Dat werkte niet echt sfeerverhogend.¬†Zeg maar.¬†Haha.¬†Wel voor ons trouwens.¬†Wij bleven er bijna in.¬†Huilen van het lachen. Dat is echt zo heerlijk.¬†Als je jaren lang.¬†Vooral Gehuild hebt van het huilen.¬†Is je overgeven aan tranen lachen.¬†Heeeeeeerlijk.¬†Ook al vinden anderen.¬†De grap dan ongepast¬†misschien.

De ochtend aan het ontbijt. Toen onze kinderen met elkaar speelden. En de Nieuwe Liefde van een van ons. Een verdiend dutje deed op de bank. Keken wij foto’s van vroeger. Van toen het nog goed was. En toen het verkeerd ging. We hebben allemaal foto’s van onze mannen. Als kleine kinderen. Als jonge vaders. En dan in hun kist. Met onszelf en onze kinderen er naast. En daar kijken we dan naar. Naar die foto’s. Samen. En we laten het heel diep in ons binnenste, binnen dringen.

Het klinkt misschien gek zei ik. Maar soms mis ik die tijd van het begin. De tijd van de aller eerste tijd. Toen alles zo open was. Toen iedereen zo open was. Dat alles zo overweldigend was. Van verdriet. En ook van Liefde. Dat elke dag iedereen en alles diep bij je binnendrong. En dat de ruis van het -Gewone Gedraag je maar normaal leven. Heel ver weg was. Het lijkt soms, zei een van ons, of alles daarna oppervlakkiger is geworden.Die diepgang die er was. Die overgave. Die openhartigheid. Voluit elke dag weer aan gaan.. Weinig of geen rem op wat je voelt omdat het er gewoon IS. Ja zo was dat zeiden we tegen elkaar.

Ik verlang er ook nu naar. Ook Nu het Gewone Leven. De dood weer over heeft genomen. Om toch zo overweldigend. Vol openhartigheid te blijven leven. Om mensen aan je hart te drukken. Omdat je gewoon heel blij bent ze te zien. In plaats van te zeggen. Hee hallo hoe gaat ie vandaag

Leef alsof het hek open staat. Lees ik deze week in het nieuwe boek Kluitjesvolk Van Marianne Zwagerman. Ze schrijft over leven in het rubberen tegel paradijs. Over vinexwijken vol van huizen onder water. Over risicomanagement. Over regels. Over met zijn allen leven op een kluitje en jezelf vooral niet teveel laten zien. En je zeker niet zomaar over te geven.

“Net als geluk is moed geen keuze maar een besluit, schrijft ze. Niet meer leven met de rem er op. Maar leven alsof het hek open staat. Het vereist moed en dapperheid uit de kluit te breken”.

De dood doet je uit de kluit breken van Het Gewone. Heeft mij nog meer vrijheid gegeven. Geeft de kans om openhartig en vol overgave te leven. Heeft het hek geopend en de rem er af gehaald. Het is nog een beetje zoeken naar de snelheid die bij mezelf past. En ik ga er openhartig en vol overgave in. Met wapperende haren en stralende lach. Het leven, de liefde, werk, mensen, alles wat daarbij hoort vol overgave tegemoet.

Overgave aan het Leven. Heel diep laten binnendringen wat er op me af komt. Mijn hart open naar alles om me heen. Dingen laten stromen. Geen angst meer te verliezen. Om dat in Leven. En zelfs ook in de dood. De liefde altijd wint. En ik genoeg op mezelf en mijn eigen heid kan vertrouwen. Om ook nu en vandaag en morgen voluit openhartig te kunnen leven en zijn..

Ik wens behalve mezelf ook jullie een open hartig leven vol van overgave. Vandaag is weer een mooi begin. En morgen weer een nieuwe dag om het te oefenen.

Het Leven . Elke dag opnieuw.

 

 

 

 

 

 

Grote zwarte wolken komen uit mijn uitlaat als ik met Alex wegrijd bij de Sportvelden. En dat wegrijden lukt ook amper. Ik heb geen vermogen. Geef gas maar kom niet vooruit. Stop Mam, roept Alex. Ik wil de auto uit. Shit. Denk ik. Hier heb ik natuurlijk helemaal geen tijd voor. We moeten naar vrienden nu. Om gezellig te eten. Kapotte auto’s staan niet op de planning. Ik doe net als bij de computer de auto even uit en weer aan. De Blonde oplossing noemen we dat thuis. Het werkt. Hij rijdt weer.

De volgende ochtend hetzelfde verhaal. Zonder zwarte rookwolken. Geen vermogen. Ik rijd schokkend naar de garage. Berg af gelukkig in ons mooie Oosterbeek. Hoe dichter ik bij de garage kom, des te beter rijdt de auto weer. Koffie, zegt Paul als ie me ziet. Kom je even napraten over de workshop die we vorige week hadden. Vonden ze het leuk? De mensen? Jazeker vonden ze dat. 15 interimmanagers hadden we verzameld. Eerst samen in de showroom in de auto van hun keuze autoverhalen uitwisselen. Verhalen in de Kever over de Kever waarmee je vroeger over het strand reed. Samen in de De Amerikaan met de lekkere brede voorbank vertellen over je USA reizen. Ontmoeting. Verhalen delen. Samen onder de brug staan onder een auto. Ik deed het nog niet eerder. Net als een wiel verwisselen met zo’n pistool. Alsof je in de pits bij de formule 1 staat. Zo voelde het. Een beetje. Iedereen was blij. Geweldige avond. Gaan!!

Ik drink koffie en Paul kijkt naar mijn auto. Samen met alle andere mannen van de garage. Het zou de Turbo kunnen zijn ja. Maar ja. Nu zien we niks. Laat maar ff hier nog. Ik krijg het kleine Schoot  autootje mee voor naar huis. De volgende dag bellen ze. Niks gevonden. Neem maar mee. Kijk het maar even aan. Kijk het maar even aan? Niks doen? Het even niet weten? Niet echt zinnen waar ik iets mee kan.Oplossen. Doen. Aangaan. Das meer mijn taal. Niet dus. Niet hier.

De Turbo doet raar. Mijn eigen Turbo doet ook raar de afgelopen weken. Ik herken het. Het lijkt soms ook wel te komen bij het begin van de lente. Dat ik steeds vol gas wil. De wind door mijn haar wil voelen. In mijn stoel gedrukt worden. Adrenaline. Gaan. Hard. Harder. Er vol in. In alles. In Werk. In Liefde. In Lievelings. In alles. Om vervolgens na van die heerlijke dagen en momenten en ontmoetingen de week erna ineens geen vermogen meer heb. Dat ik het gas vol in trap. Maar dat ik dus helemaal niet vooruit ga. Gewoon stil sta eigenlijk.  De zwarte rook komt nog net niet uit mijn oren. Wel soms uit de oren van de mensen om mee heen. Het kan wel eens overweldigend zijn. Al dat voluit gaan. Dat weet je als andere mensen ineens voor jou op de rem gaan staan. Wat doe je nu dan? Roep ik. We gingen net zo lekker! Ja. Jij wel. Ik niet. Dus.

Daar sta ik dan. In mijn eentje. Omdat de ander is uitgestapt. Klaar met jouw Turbo. Vol in de remmen.

Je zit in “je overdrive” van Kolfschoten, zegt Bootje tegen. Misschien even in “de reverse”. Even rust nemen. Ruimte. Kleinere bewegingen. Daar zit ook kracht. Je subtiele kracht. Niet steeds die Turbo intrappen.

Ik denk aan de paarden. Met een paard los in de bak in het mooie Drenthe. Verbinding zien te krijgen. Bij mij gingen ze er meteen vandoor op het moment dat ik mezelf op AAN zette. Volle galop. Wel lekker wakker. En spannend. En gaaf. Spectaculair. Dat wel. Maar dit tempo kun je niet vol houden. En dat dwingend pushen ook niet. Daarmee gaan ze uit de bocht, de paarden. De verbinding kwam pas als ik ruimte gaf. En vooral ook als ik rust pakte. Even stilstaan. Kijken. Niks doen. Voelen.

Even aankijken. In plaats van steeds maar doen en voluit gaan. Rustig aan. Niet iets gaan aanpakken en oplossen als je nog niet eens weet wat het is. Even aankijken.

Nog twee weekjes hier.  Daarna vliegen we naar Sicilie. Waar behalve in de ring rondom Palermo, niemand in de overdrive of turbo gaat. Oude mannetjes op bankjes in de schaduw. Pasta Vongole op een terras. Zitten. Kijken. Aankijken. Niks doen.

Bekende plek. Vaderland. Zon. Zee. Rust. Ruimte. Lievelingsland.

 

Dat ik dan weer even in mijn groene denkadvies boekje blader. Ter voorbereiding op een terugkomdagje Denkadvies. En dat ik dan van die mooie dingen lees. Die ik zelf ooit heb opgeschreven. Over geschreven. Van papier, weer op papier. Woorden en zinnen waar ik schijnbaar geen genoeg van krijg. Die iets bij me aanraken. Wakker maken. Waar ik trek van krijg. Zin. Lust. Zinnelijkheid is nodig in je werk, las ik vanochtend in een column van een van de Nieuw Organiseren Henken. De nieuwste Henk. Het begint bij hem met goeie koffie. Lekker aan de dag beginnen. Ik zit nu aan de thee. Twintig kruiden oplosthee. Natuurlijk doe mij maar lekker veel van alles. En dat het gewoon lekker makkelijk oplost allemaal. Geen gedoe met zakjes die je weg moet gooien. Ook fijn vind ik dat.

In mijn groene boekje lees ik mijn verhaal over De OrganisatieAdviseur. Weg met de Organsisatie heet het. En ik ga er dit jaar een klein Boekje van maken. Heel Kleintje. Om weg te geven. Leuk. Klein. Zoals de Matchboox. En de Little Moo Cards. Grootse Schoonheid in iets heel kleins. Iets dat je niet verwacht. Onverwacht leuk. En mooi. Het trekt je aandacht. Je wordt er blij van. Je wil het ook. Je krijgt er trek van. Ik wil graag dingen maken en doen waar ik trek van krijg. Waar andere mensen trek van krijgen. Iets dat smaakt naar meer.

Zoals het dagje Droomtuintje op Mijn School vorige week. Heel veel tattoos. En muziek op de achtergrond. Ik voel me er thuis. Het wordt ook mijn school. Soort van. Leerlingen die de expert zijn. Die hun leven delen. En wij daardoor trek krijgen in ons werk. Zoveel trek dat de docenten die mee waren er een beetje van gingen stuiteren toen ze de dingen bedachten voor hun eigen school. Ik regel dat. Dat is mijn werk. En ieder doet vervolgens zijn werk. Het werk waar hij ZIN in heeft. Waar ie trek van krijgt. Hoe gaaf is dat.

Ik lees de dingen in mijn Groene Boekje. Wat ik aan het eind opschreef als wens voor de toekomst. En is het misschien al nu.

  • Bij een organisatie horen zonder dat het een organisatie is
  • Erbij horen zonder er bij te horen
  • Dat het gaat over vrijheid over ruimte en jezelf kunnen zijn
  • Dat het creatief is, samen, leuk, fijn en vertrouwd
  • Dat het anders is en nieuw en verleidelijk en intellectueel uitdagend
  • Dat het moeite kost zonder moeite te kosten
  • Dat ik er van en mee kan leven.

En dat ik er zin van krijg. Net zoveel zin als nu in de auto stappen. Zonnebril op. Onderweg naar Hilversum. Eerst gaan we lunchen. Dan gaan we aan het werk.

“Werk? Zou je dit werk noemen”, zegt Julian de LeerMeester in mijn lievelingsboek De Verborgen Geschiedenis. “Ik zou het eerder de heerlijkste manier van spelen noemen”.

Nou. Laten we vandaag dan weer eens buiten spelen. De zon schijnt. En ik heb zin.

Lievelings

Wat een vette week. Wat een intense week. Lachen. Huilen. Huilen van het lachen. Wat alles tegelijk weer. Het leven. Soms is het echt op de top van alles.

‚ÄúHeb je nog iets meegemaakt deze week mop‚ÄĚ, vraagt mijn lievelingsvriendje de LichtMan me. Ik val even stil. Nog iets meegemaakt. Ik maak de laatste tijd zoveel mee, dat ik niet eens weet wat ik gister ook al weer deed. Oh ja. Gister deed ik even niks. Of niks. Noem het maar niks als je met je vriendin en lievelingscollega weer alles van het leven langs laat komen tussen de groentesoep en het zonnebankje door. Dat klinkt dan heel ‚ÄúGooische vrouwen achtig‚ÄĚ, met de zwarte Jaguar en zwarte BMW voor de deur, Blond en Blond, met het verschil dat wij het allemaal zelf verdienen en regelen. Gewoon in je eentje. Alles. Werken. Gezin. Vrienden. Liefde. De loodgieter mannen binnen laten. Op hun sokken mopperend tegen elkaar ‚ÄúHoe noemen ze zo‚Äôn moderne keuken ook wel weer? Industrieel zeg je? Das ook gewoon mooi gelogen dus‚ÄĚ.

Echte Werkmannen humor. Doe mij er maar heel veel van zeggen wij tegen elkaar.

De kinderen zijn naar school en naar sport en stage. De telefoontjes en appjes komen binnen tijdens ons gesprek. Opdrachten van mij. Klanten van haar. Dingen voor vriendjes. Zij regelt een locatie voor een fotosessie voor die van mij. Ik een netwerkgesprek voor die van haar. Als ik onder de zonnebank ga maakt zij haar ontwerpen. Het moet deze week af. Dat lukt wel. ‚ÄúEn anders maar niet. Dan wachten ze maar even al die snelle jongens met hun grote mond die zelf minder werk hebben dan ik maar zoveel drukker doen altijd‚ÄĚ, zegt ze als ze zich over haar bouwtekeningen buigt.

Onder de zonnebank loopt mijn TwitterTimeline vol nog van het vette onderwijscafe avond van daarvoor. School where the Heart Knocks.

Georgios stal ieders hart die avond, het mijne had ie al de eerste keer meteen. En het maakt me ook weer zo duidelijk.

Het is niet alleen “School where the heart Knocks”. Het is ook ‚ÄúWerken waar the Heart Knocks‚ÄĚ. En ‚ÄúLeven waar The Heart Knocks‚ÄĚ.

Elke dag weer opnieuw.

De week dat ik ook werk aan mijn Jonge Weduwe Boek. Samen met Charlotte de ontwerpster, duik ik weer in mijn blogs . In de foto’s. Omringd door herinneringen aan mijn lieve Giorgio wiens hart zoveel te vroeg op hield met slaan. Ook de week waar zijn zaken partner de woonkamer en keuken schildert. Ons huis naar verf ruikt en dus ook naar Giorgio. Geuren die recht je hart in gaan. Recht in mijn hart. Dat nog wel klopt. En steeds luider weer voor de dingen en de mensen waar ik van houd of wil gaan houden.

De week dat mijn lievelingsopdrachtgever me belt en zegt dat we ‚ÄúVerdomme gewoon blijven doen wat we al van plan waren. Dat we ons niet af laten leiden door het gedoe en het gezeik . Dat hij niet mee gaat in de wens naar het produceren van een nieuw beleidspapieren shitplan, omdat de komma weer ergens op de verkeerde plek staat en overnieuw moet en dat toch niemand gaat lezen. Het is bezigheids therapie voor mensen wiens hart niet meer klopt. Papier therapie van het verkeerde soort‚ÄĚ, zegt hij. ‚ÄúIk heb gezegd dat ze daar maar een of andere papieraap voor inhuren. En dan ga ik met jou doen wat we al van plan waren. En ik ga dat ook vertellen binnen kort, op een podium, over de dingen waar ik klaar mee ben en de dingen waar mijn hart sneller voor gaat kloppen. En waar ik ook van wil dat het hart van mijn mensen weer harder van gaat kloppen. Wil je me helpen met mijn woorden‚ÄĚ?

Als ik ophang stromen zijn woorden gewoon vanuit zijn hart mijn hart in en het toetsenbord uit. Zijn verhaal. Ik stuur het hem een half uur later. Hij loopt nog steeds rond in het Rijksmuseum van waaruit ie me belde. Vakantie . Werk. Als je dingen met liefde doet, loopt het allemaal door elkaar heen. Hij apt me dat ie het gelezen heeft en dat dit precies is wat hem beroert. We sturen elkaar hartjes. Het is Liefde. Werkliefde. Kan dat ook?

De week dat mijn andere lievelingsopdrachtgever vertelt dat ie gaat scheiden na 30 jaar huwelijk. Dat we praten over liefde en relaties. Over hoe ingewikkeld de dingen zijn. Over de schaamte. Over schuld. Over niet weten. Over nieuwe avonturen aan gaan. Over hoe raar het is dat liefde en thuis niet goed op werk lijkt te passen. Dat mensen onwennig zijn. Dat je maar in je werk duikt dan samen. En niet in dat wat nu juist de meeste aandacht vraagt. Wij duiken er wel in samen. Gewoon twee uur lang. Boterhammen tussendoor. En dan de laatste 5 minuten bedenken en regelen waarvoor we de afspraak hadden. BAM. We gaan gewoon doen waar we zelf in zin in hebben en we nemen de mensen daar mee naar toe. Het wordt mooi. We zijn blij. We omhelzen elkaar op de gang . Zijn werkpartners maken grapjes over het kopieer hok. Wij lachen. Thuis app ik hem nog een ideetje dat ik kreeg onderweg. Werkliefde. Al zeven jaar. Het kan.

De week dat ik met mijn lievelings bestuurders dames samen ansichtkaarten schrijf aan hun lievelingsdirecteuren. Gewoon met een pen. Inkt vlekken op onze vingers. Lieve dingen schrijven. Grappen maken over de Horse and Hunk kalender die wij zelf ook willen maken natuurlijk. Beetje lust in het onderwijs. We krijgen er zin in. Zin van. ‚ÄúStraks weer stomme dingen doen‚ÄĚ, zegt een van hen. ‚ÄúNu lekker dit‚ÄĚ.

De week waar ik met mijn nieuwste lievelingsopdrachtgever linzensoep eet en boterhammen en we praten over de duizend dingen die in zijn hoofd rondgaan waardoor ie altijd weer een beetje in het rood terecht komt. En dan gewoon kwart over zes s‚Äô ochtends achter zijn bureau zit. ‚ÄúDas beetje nie normaal‚ÄĚ, zeg ik en we lachen. Zijn hart dat klopt voor zoveel dingen in zijn werk. Hij die gaat voor kinderen waar niemand anders voor gaat. ‚ÄúDe Rest van Alles‚ÄĚ noemen we zijn nieuwste project. Ons eerste project samen.

‚ÄúSommige mensen zeggen dit is het einde van de wereld, en daar begint het juist voor ons‚ÄĚ, zo leer ik van hem. Weer iemand om van te houden. Mijn hart is groot genoeg. Er kan nog wel een lievelings bij. Nog eentje dan.

De week ook dat ik mijn garage een kadootje bracht. Een thee serviesje met oldtimers er op. Omdat ik zoveel van ze houd. En zij van mij. “Kijk. Van mijn lievelingsklant “, zegt De GarageMan tegen de ANWB meneer die binnen komt om ook een kop koffie te drinken en te hangen daar natuurlijk. Net als ik daar voor kom.

Uurtje met mijn GarageMan. En weer nieuwe dingen samen bedenken. Waarin we mijn wereld en die van de garage kunnen verbinden. Omdat ik dan ook lekker daar kan zijn. Gewoon voor mezelf. Na half uurtje komt ook de vrouw van de GarageMan binnen. Aanrijden in haar enorme Dodge. Knalrood is ie. En zij is blond. Ook dat klinkt heel Gooische vrouwen achtig. Ware het niet dat die auto haar bedrijf is waarin ze haar cli√ęnten begeleidt. Mensen met niet aangeboren hersenletsel en hun gezin.

‚ÄúDat deed ik vroeger al jaren in een gewone zorg organisatie‚ÄĚ, vertelt ze me aan de tafel in de garage waar we allebei met onze jas aan zitten omdat de kachel uit is omdat het te duur en onnodig is om de showroom te verwarmen. Het werk gebeurt immers in de werkplaats. Onze handen warmen we aan de koffiemok en aan de verhalen die we delen.

Ze vertelt verder. ‚ÄúIk deed vroeger al wat ik nu deed, maar het werd steeds moeilijker en het ging me zo tegen staan die organisatie‚ÄĚ. ‚Äú Zo erg, dat ik er een hernia van kreeg. Alle regeltjes. Al het organisatie gedoe. Het ging helemaal niet over mensen. En daarom stapte ik er uit. Samen met twee collega‚Äôs. We zijn met zijn drie√ęn. Al acht jaar en we kiezen onze eigen manier van werken. We barsten van het werk. We hebben ook gewoon contracten met de gemeentes afgesloten. Zat ik daar in mijn eentje tussen al die grote jongens. Maar ik kreeg ze wel. Want ook de gemeente ziet dat wat wij doen uniek is en bijdraagt. Ik zorg voor mensen die ook echt ‚Äúmijn mensen‚ÄĚ zijn. Vaak jaren lang. We doen samen boodschappen. Omdat boodschappen doen leren is en werk. En zij hierdoor het leven weer oppakken. Het leven dat eerder voor hen stil stond. En dat doen we nu al acht jaar. Samen met zijn drie√ęn. Iedereen zei dat we gek waren toen we begonnen. En nu willen mensen doen wat wij ook doen.‚ÄĚ Maar ik hoef niet groter en meer. Dit is lekker precies goed allemaal.

En nu ga ik ff boodschappen doen zo. En ja natuurlijk doe ik ook mee straks met die leuke dingen die je bedenkt. De zaak wordt steeds leuker , ook dankzij de dingen die jij mee bedenkt, zegt ze tot mijn grote vreugde. Nieuwe energie. Plezier. Genieten. Allemaal samen.

Nieuw Organiseren, Zij heeft er nog nooit van gehoord natuurlijk. Ze doet gewoon waar haar hart voor klopt. Haar werk. Haar mensen. Net als ik. Net als al die lievelingsmensen deze week.

Ik lach en zeg dat ik het herken. Dat ik met mijn meesterlijke lievelingscollega’s ook al acht jaar samen optrek nu. Hoe heerlijk het is om te kunnen leven van en voor dat waar je hart voor klopt.

Lievelings. Lievelings.

‚ÄúEn. Vraagt mijn Lichtman nog eens. Deed je leuke dingen deze week‚ÄĚ.

Als ik begin te vertellen merk ik dat ik bijna overstroom. Het is een beetje teveel voor een iemand om aan te horen dat besef ik ook wel. Ik denk aan mijn Giorgio die dan na 10 minuten zei:

‚ÄúHoo Stop Nee, ik heb al spijt van mijn vraag. Ga koffie zetten voor me. Snel‚ÄĚ.

En dat deed ik dan.

En dus. Schrijf ik maar een stukje. Voor Nieuw Organiseren. Omdat het daar ook vol zit met lievelings. Met Ben en Chris en Thom en Fokke en heel veel Henken. Ook een nieuwe weer.

Liefde. Mijn gekozen woord voor 2016. Het gaat best goed…….

Zondag viel ik midden in de uitzending van Tegenlicht op het moment dat een soort beursjongen nieuwe stijl het concept van Bitcoin Mining aan het uitleggen was. Hij sprak woorden die ik wel kende, maar niet begreep. Ik hoorde de losse begrippen, maar het lukte mijn hersens niet om er een verbinding mee te maken. In de timeline van mijn Twitter zag ik de social media en 3.0-pro‚Äôs enthousiast reageren en commentaar leveren op de uitzending. Dat commentaar nam toe op het moment dat het onderwerp van Bitcoin overging in The Mondial Block Chain. Mijn hersenactiviteit nam ook toe en ook hier lukte het me met geen mogelijkheid om te volgen wat hier nu werd verteld. Ik moest denken aan de Matrix en hoe Neo op zoek ging naar de Maker, die ook altijd verborgen was gebleven. Voor Bitcoin was dit ook het geval. Een Japanner met de naam ‚ÄėSamacochi‚Äô, die mij ook weer deed denken aan Kevin Spacey‚Äôs The Usual Suspects, waar iedereen op zoek is naar Kaiser Sosa die uiteindelijk niet bleek te bestaan. Mijn hersens dwaalden af naar films, terwijl het BlockChain-onderwerp verder ging voor mijn ogen. Ik registreerde, maar nam niet op.

@rutgervz‚Äď onze Nederlandse Bitcoinkoning ‚Äď twitterde een filmpje waar volgens hem BlockChain glashelder wordt uitgelegd: crypto-currency technologie, een nieuw woord voor mij. Ik denk Superman, en kijk het filmpje.

Glasheldere taal. Bijpassende scherpe animaties. Stap voor stap en met voorbeelden. Geen speld tussen te krijgen. Ik hoor de woorden en opnieuw lukt het me niet om ze aan iets in mijn hersenen te verbinden waardoor ik het snap. Ik voel dat het iets groots is, en ik kan er niet bij. In de laatste beelden van Tegenlicht zie je groepen mensen samen op een Bitcoin-event. Ze luisteren aandachtig naar sprekers. Ze omhelzen elkaar als ze elkaar tegenkomen. Een van de hoofdsprekers doet een emotionele oproep in de camera. Hoe het zo niet langer kan. Dat Bitcoin de wereld gaan veranderen. Dat het systeem eindelijk doorbroken zal worden. De emotie herken ik. Net als het verlangen. Nieuw Organiseren. Maar dan Beyond. Gek voelt dat ineens. Als Nieuw-Organiserenpionier. Dat je ineens beseft ook deel uit te maken van een Oude Garde.

Heel erg 44 voelde ik me. Net zo 44 als toen ik de nieuwe video clip van de zoon van vakantievrienden bekeek. Iets met Assi en Bootie en veel Love. De clip valt wat mij betreft onder X-rated en kan hier niet gelinked helaas. Ook hier tekst die ik hoor maar mijn hersenen niet verstaan. De beat klinkt goed. Dat wel. En ik moet lachen om de stoerheid van de jongens, die ik eigenlijk nog kinderen vind, maar wat ze al lang niet meer zijn natuurlijk. Ach. Oud. Oud.

Bitcoins & Booties. Dat zijn wat mij betreft de Nieuwe woorden voor 2016 straks. Met de vraag of ik hier nog iets van ga begrijpen. Of het kwartje nog valt. Het bitcointje nog gemined wordt.

Nieuwe fase richting het nieuwe jaar. Tijd voor een nieuwe auto ook. Een Mustang denk ik. Om het plaatje compleet te maken: midlife. Het is begonnen. Gelukkig kwam ook dit verhaaltje van Noor vandaag voorbij:

Er komen twee mannen naast me zitten op het bankje. Noeste mannen van in de zeventig.
‚ÄúNou, er is veel veranderd‚ÄĚ zegt de een ‚Äúen niet allemaal ten goede‚Ķ‚ÄĚ
Waarop de ander monter zegt: ‚Äú Voor mij is alles Nieuw!‚ÄĚ

We kunnen nog wel een tijdje voort. Gelukkig.