Het ging best heel lekker de laatste tijd. Goed in energie en balans. Fijne mensen en leuke dingen doen. Mooie opdrachten. Nieuw Organiseren op allerlei plekken. Het kon niet op.

Alleen zag ik die longontsteking even niet opkomen. Ja wel een klein griepje waar ik dacht al bijna vanaf te zijn. Totdat ik toch maar even naar de huisarts ging, op advies van mijn vader. Soms moet je gewoon toch naar je ouders luisteren. Zelfs al ben je veertig plus. Longontsteking dus. Een dubbele nog wel. Ook dat nog. Natuurlijk. Doe mij maar een dubbele.

Geen lucht

Dag fijne mensen en leuke dingen. Hallo koorts en geen lucht en liggen en niks kunnen. Na drie antibioticakuren en bijna een maand(!) thuis begin ik langzaam te herstellen. Heel langzaam. Dat schijnt ook bij longontsteking te horen. Dat het herstel erg langzaam gaat. Het is geen ziekte voor mensen met weinig geduld zeg maar. Of juist wel…

Een van de leuke dingen die ik misliep was een lezing die ik zou mogen houden over Nieuw Leiderschap. Voor honderd schoolleiders. Ander onderwijs. Anders Organiseren en dan mijn verhaal over welk soort leiderschap daar bij hoort. Juist in de maand dat Tegenlicht onze Nieuw Organiseren-aflevering over het einde van de manager uitzond. Maar goed. Die lezing ging dus niet door. Leiderschap geveld door longontsteking. Jammer. Maar dat is het woord niet.

Ik hou namelijk best wel van leidinggevenden. En ik geloof niet in het einde van de manager. Immers duidelijk is in alle Tegenlicht-afleveringen dat het de leidinggevenden zijn die leiding gevend waren en zijn in de verandering. Jos de Blok, bij Buurtzorg, Remmelt Schuring van Schoongewoon, Ricardo Semler van Semco. Het zijn niet de werknemers die bedenken dat het anders moet, het zijn de leidinggevenden die de impuls geven en nieuwe ruimte maken voor de vakmensen. Dat is juist zo fijn aan leidinggevenden. Die kunnen af en toe door een raam naar buiten staren en dan dingen bedenken waar vakmensen soms geen tijd voor hebben omdat ze druk zijn met lesgeven, zorg verlenen, schoonmaken, huizen bouwen en ga zo maar door.

Verlangen

Leidinggeven gaat volgens mij vooral over verlangen. Het verlangen om iets te willen. Of niet meer te willen. Het verlangen naar anders, naar beter, naar mooier, fijner, leuker, zinniger, betekenisvoller. Als voorbeeld van inspirerend leiderschap noem ik vaak Hans de Becker van Humanitas. Hij creëerde een omslag in de Rotterdamse verzorgingstehuizen door te verlangen naar Geluk. Wij verkopen geen gezondheid, wij verkopen geluk, is zijn motto. Gelukkige oude mensen leven langer, dus we moeten zoeken naar wat mensen gelukkig maakt. Invulling geven aan waar zij naar verlangen. En dat gaan we dan gewoon doen.

Dat Gewoon Doen is iets wat moed vraagt. Moedige leidinggevenden doen het gewoon. En dan gaat het hier wat mij betreft over de moed om steeds onverschrokken naïef te blijven. Te blijven geloven in wat er volgens jou anders moet en kan en zal gebeuren. Hoe idioot de rest van de wereld je ook vindt. Hoe tegenstrijdig het klinkt en is met de gangbare opvattingen en normen. Het kost behoorlijk wat moed zeg maar om geen excellente high performance school te willen zijn. ‘Nee, dank je wel, ik wil liever niet zo’n excellent bordje op mijn deur. Dat gaat namelijk ten koste van mijn onderwijs.’ Er zijn niet zoveel schoolleiders die deze zin uitspreken. De grootste groep zit toch weer op de congresstoel te leren wat High Performance Onderwijs is en wat je daar als leidinggevende allemaal heel excellent voor moet kunnen. Het liefst lekker Lean natuurlijk 😉

Democraties scholen

Nee doen mij maar dan maar leidinggevenden die Verlangen met een hoofdletter. In het onderwijs zie je de laatste jaren een toename van democratische scholen, scholen voor natuurlijk leren. Nog maar zes jaar geleden waren ouders en leerkrachten van dat soort scholen gekkies in paarse jurken die vooral macrobiotisch aten, dacht men. Vanuit andere scholen werd er schamper over gedaan. We deden toen al pogingen om dit soort onderwijsconcepten als broedplaats voor nieuw leren te betitelen en schoolbesturen aan te raden deze scholen meer dan serieus te nemen. Het onderwijs denkconstruct ‘ben je gek of zo, je denkt toch niet dat kinderen uit zich zelf leren, doe toch niet zo naïef’ was toen echter nog erg hardnekkig. De leidinggevenden van democratische scholen werkten zich glimlachend door de vragen heen, hielden vol, openden nieuwe locaties, bedachten eigen toetsingssystemen en gingen door. Moed en verlangen.

Nu vijf jaar later staan deze scholen op verschillende podia als voorbeelden van nieuw leren en stijgen de leerlingaantallen elk jaar. Scholen nemen het concept als voorbeeld om het op de eigen school ook anders te gaan doen. En vertrouwen op het verlangen tot leren van leerlingen zelf, wordt op steeds meer scholen als uitgangspunt genomen. De Tegenlicht-uitzending over Onderwijs liet prachtige voorbeelden zien zoals Agora in Roermond waarbij directeur Sjef van Drummen wat mij betreft Het voorbeeld is als het gaat over leidinggeven met moed en verlangen. Vertellend in die aangename Limburgse gggg’s over het concept van kunst en onderwijs deed hij mij verlangen naar een Agora concept in elke stad.

Broodjes kroket

Wat een geluk om me in mijn werk als adviseur te kunnen omringen met leidinggevenden die het anders willen en doen. Mensen die ervoor zorgen dat hun school in drie maanden tijd een totaal nieuwe inrichting krijgt. Leuker voor kinderen, makkelijker voor leerkrachten. Ouders denken en doen mee. Het onderwijsconcept straalt uit alle hoeken en gaten. Er is nooit te kort aan geld of energie of wat dan ook. En als ze de boel samen verbouwen zijn er vaak broodjes kroket.

Voor bestuurders die het anders doen is er tijd om tussen al het belangrijke besturen door te praten met kinderen over hun droomschool. En niet alleen te praten maar om als bestuurder met een zelf ingerichte hutkoffer op de school aan te komen en een spetterende bijeenkomst te houden die je samen met je leerkrachten hebt bedacht omdat zij immers de vakmensen zijn. Droomschool? Ech(t) wel!

Kleintje Kindkracht

Leidinggevenden die het anders doen schrijven met mensen een Kleintje Kindkracht gevuld met mooie verhalen over echt onderwijs. Of dat je samen een strategisch beleidsplan maakt tot een spel dat kinderen kunnen spelen. Compleet met opdrachten waarmee je door de school mag rennen. Ook als Raad van Toezicht trouwens.

Leidinggevenden die het anders doen openen in tijden van grote crisis in de kinderopvang gewoon nog een Bzzondere Locatie. Gewoon omdat het kan en het verlangen nog lang niet over is.

Goeie leidinggevenden werken zelf vanuit moed en verlangen en geven daardoor ruimte aan het verlangen en de moed van andere mensen. In hun organisatie en ver daar buiten. Laten we ook aandacht en ruimte blijven geven aan dit soort voorbeelden opdat Nieuw Organiseren ook over Nieuw Leiderschap blijft gaan.

En tot slot is het altijd weer goed om regelmatig stil te staan bij je eigen verlangen. Je ogen te sluiten en je af te vragen wat jouw diepste verlangen eigenlijk is, en welke moed je nodig hebt om dit te realiseren.

Voor mij nu vooral het verlangen om na mijn longontsteking weer fit en gezond te worden. Om de energie weer te voelen toe nemen. En me weer met die leuke mensen en organisaties te kunnen bezig houden. Schrijven is daarbij weer een eerste stap. Na stap een komt stap een. Op weg naar de lente een volgende. De lezing Lichtvoetig Leidinggeven in de Lentezon wellicht. Hoe fijn zou dat zijn…

Dertig jaar geleden schreef hij een boek over Nieuw Organiseren. Vorig jaar kwamen er twee keer duizend mensen naar zijn lezing bij De Baak. Ik was een van hen. Ricardo Semler.

Afgelopen zondag was hij voor de tweede keer in Tegenlicht. Halverwege de uitzending viel ik in slaap. Niet vanwege niet interessant, maar vanwege heel ontspannen zijn na mijn laatste verslaving. Bikram yoga. Ook nieuw. Voor mij dan.

Vandaag kijk ik de aflevering nog eens terug op uitzending gemist. Hij fascineert me, deze Ricardo Semler. Nieuw Organiseren Goeroe die geen goeroe wil zijn, maar het natuurlijk wel is. Dat was ook de reden dat ik vorig jaar naar De Baak ging. Wat doet deze man nu dat zoveel mensen trekt? Wat trekt mij aan? Op het podium van De Baak werd ik geraakt door zijn absolute vrij lijken te zijn van alles. Geen behoefte aan overtuigen. Gewoon het delen van zijn verhaal. Zijn opvatting over de dingen. Het lijkt vanzelf te gaan allemaal. Zoals bij meer ontspannen leiders. Het is hard werken om daar te komen. Bij die ontspanning. Soort van Bikram yoga ook. Om een zienswijze tot zijnswijze te maken.

Makkelijk praten

In de aflevering van Tegenlicht loopt Semler ontspannen over zijn prachtige landgoed en door zijn beeldschone huis. Ja. Makkelijk praten waren de reacties op twitter. Tegen het kapitalisme zijn vanuit je kapitale landgoed. En ook nog je huishoudster tot de orde roepen. Ik zie geen kapitale villa. Ik zie schoonheid en smaak. Dingen die je niet met rijkdom kunt kopen. In tegendeel. Hoe rijker hoe smakelozer, zie ik meestal. Semler houdt van mooie dingen. Ziet schoonheid in de wereld om zich heen. Zijn vrouw heeft het mooiste hotel van Brazilië ingericht en ontworpen, weet ik. Niet alleen het mooiste van Brazilië , ook het beste voor Brazilië als het gaat over duurzaamheid en werkgeverschap. Het klopt. Hun concept. En je kunt er van alles van vinden. Ook dat.

Voor mij gaat het verhaal van Semler over vrijheid. Over vrij zijn. Over anders kijken naar een bestaande realiteit en daarmee nieuw perspectief en werkelijkheid creëren. En dat op een moment dat net iets vooruit loopt op de rest van de kudde. Een jaar of dertig. Fascinerend.

Box

Living in the box is een van de thema’s van de aflevering, waar hij toen ook bij De Baak over vertelde. Tijdens het congres in een iets te groot net niet maatpak op het podium, nu in een nauwsluitende trui en gewone spijkerbroek op zijn eigen loungebank.

Living in the box. Hoe de mensheid verworden is tot het leven in boxes. We wonen in boxes, verplaatsen ons in boxes, werken in boxes en kijken thuis op de bank naar dezelfde box. Je zou denken dat de kunst is om outside the box te komen, maar Semler houdt ons iets anders voor. Iets waar ik zelf ook op aanklik. De ultieme vrijheid is om binnen de box toch vrij te zijn. Vrijheid in het hier en nu. Niet door op reis naar Afrika te gaan en na thuis nog eens de foto’s te hebben gekeken weer terug in de ratrace te stappen die je zo graag achter je zou laten. Want ja, ach. De realiteit roept je terug in de gewone wereld. Net als al die dingen die je leerde op cursus en zo graag in je eigen organisatie zou willen toepassen. Maar ja, ach. Daar zijn ze nog niet aan toe helaas. Jij wel. Maar zij nog niet. En daarom krijg je het niet voor elkaar. We moeten wel realistisch blijven. Toch?!

Hartaanval

Volgens Semler is de enige voorwaarde voor echte transformatie een gebeurtenis die groter is dan jijzelf. Een meteoriet die de aarde bedreigt. Nooit meer regen. Het broeikaseffect. Oorlog. Mensen in brand. Failliet banksysteem. Falend zorgsysteem. Onderwijs dat op knappen staat. We lijken aardig op weg wat dat betreft. Het is nog slechts wachten tot de ultieme meteoriet. En wat doen we in de tussentijd? In het hier en nu? In de bestaande orde van ons eigen werk en leven?

“Je moet minstens een hartaanval krijgen om jezelf te realiseren dat het zo niet langer gaat”, zegt Semler, sigaar rokend en wandelend over zijn eigen bospad. Hij kreeg die hartaanval, ooit. En dat maakte hem wakker. En het maakte dat hij in het bestaande systeem nieuw perspectief kreeg. En dat maakte zijn werkelijkheid anders.

Ik herken het effect van een ingrijpende crisis. En met mij meerdere mensen denk ik. Dood. Ziekte. Ontslag. Burn out. Ruzie. Nieuwe baan. Eigen bedrijf. Het haalt je even uit je Box. De vaste grond is onder je voeten uit. Even niet synchroon lopen met de bestaande werkelijkheid. Kijken naar de realiteit vanuit een ander perspectief maakt dat de realiteit verandert. En daarmee heb je de kans om een nieuw begin te maken. Om buiten de orde te blijven. Iets anders te gaan doen. Het systeem te doorbreken. Vrij te zijn. De kunst is om dat nieuw verworven perspectief ook vast te houden als je de bestaande orde weer terug in gaat. Er zijn mensen die dat lukt. Die hun nieuwe perspectief vasthouden in welke situatie dan ook. En er zijn mensen die dat niet lukt. Nog niet. Of nooit niet. Die na de rode pil toch de blauwe weer slikken.

Spel

De ultieme vrijheid is om vrij te kunnen zijn in welke box dan ook. Omdat je weet dat het slechts een box is. Je weet dat je rondloopt in The Matrix. Je kunt Echt van Spel onderscheiden. En daar waar het in elkaar overloopt leer je weer. Telkens opnieuw. Kijken. Misschien is dat wel de kunst van het Nieuw Organiseren. Beginnen. Na stap een komt stap een. Oefenen in vrij zijn en blijven. In welk systeem dan ook. Het kan overal. Je kunt je dag zo mooi maken als je zelf wilt. Net als je eigen huis. En je organisatie. Het gaat niet vanzelf. En soms ook wel. Als je maar wil blijven zien. Dat het goed komt. En jij zelf van betekenis kunt zijn. Ik blijf daar in geloven. En in doen. En laten.

De aflevering van Semler sluit af met de beelden bij het vuur waar hij zijn boeken in verbrandt. En met de woorden: “Als het oude er niet meer is. Wat wil je dan gaan doen? Je kunt iets nieuws beginnen. Eens kijken. Wat de nieuwe wereld brengt.”

Morgen ga ik op weg naar de leergang van Edu Feltman. Interventiekunde en Denkadviseren. Ik was het al lang van plan. Nu is het tijd om te beginnen.

gewoon een nieuw begin

Alles is toch anders

dan hoe het net was

vlak voor deze zin

dus ik maak

@pjanter

Voorgedragen op het Grote Nieuw Organiseren 2014 EVENT

Zomervakantie. Het was weer fijn. Zon. Zee. Strand. Lucht. Ruimte.

Vooral dat laatste. Ruimte in het hoofd. Lekker leeg. Leeghoofd. Niks mis mee. De zee die ruiste er soms wat door heen, door al die lege ruimte. Alsof mijn oor de hele tijd in een schelp zat. Zo’n soort geluid was het. Wonderlijk vond ik het. Hoe snel dat ging dit jaar. Hoe snel ik in de ‘vakantie modus’ zat. Korte broek en slippers. Zand tussen de tenen. Drie weken lang.

Nieuw organiseren. Ik wil het ook altijd na een vakantie. Ik verlang naar nieuwe dingen. En naar oude dingen. Ik wil het anders. Of niet meer. Of juist wel. Ik weet het even niet. Is het nu fijn om straks weer te gaan werken? Nog even genieten hoor ik mezelf zeggen tegen mensen. Nog even niet die werkdingen in mijn hoofd. En ik vraag me af hoe dat nou zit? Ik geniet toch van werk.

Vorig jaar schreef ik iets over het Nieuwe Niet Meer zoveel werken. Omdat ik me afvroeg of we niet veel te veel van onze levenstijd aan werk besteden. Natuurlijk. Werken is fijn en leuk. Maar die verhouding tussen werken en leven.

Ik dacht aan de discussie in de jaren tachtig of negentig, dat er mensen waren die wilden bidden tijdens werktijd. En hoe ingewikkeld dat was. En hoe je dat dan moest verrekenen. Werken is namelijk belangrijker dan bidden. Logisch. Vond ik ook. Het houdt je maar af van het werk. Je man is dood? Verdrietig. Officieel krijg je 2 dagen verlof om de boel te regelen. En je kunt wel wat onbetaald verlof opnemen, maar niet te gek natuurlijk. Kom, kom, het werk wacht. En het is ook goed voor je. Werken. Dat maakt je een beter mens. Daarom moeten mensen in de bijstand nu ook voor elke euro een tegenprestatie leveren. Dat is goed voor je, daar ontwikkel je je van. Stratenveegjasje aan. En dan breng je de kinderen maar even naar oma. Heeft die ook iets om naar uit te kijken.

We werken sowieso veel te veel als je naar de economische theorie van Keynes kijkt. Hij voorspelde dat mensen in de twintigste eeuw nog maar een beperkt percentage aan arbeid hoefden te besteden om met elkaar de economie draaiende te houden en de rest ingevuld zou worden met leisure, vrije tijd. Niet betaalde tijd die je kunt besteden aan andere (nuttige) dingen. Maar we lieten Keynes los en gingen de vrije markt economie op. Groei groei, meer meer. Aandeelhouders en divident in plaats van zorg en verzekering.  Tweeverdieners betekent niet dat je het samen verdient, en ieder de helft werkt, maar dat je twee keer zoveel verdient en een groter huis kunt kopen.

Ricardo Semler vertelde in juni bij de Baak over die herverdeling van levenstijd. Over hoe vreemd het eigenlijk is dat op het moment dat je het gezondst bent en het meeste geld verdient, je de minste tijd hebt om daar van te genieten. Dat je dan wacht met berg beklimmen tot na je pensioen. Maar dat schijnt dan toch ineens stukken minder goed te gaan. Hij stelt voor dat we tussentijds pensioen opnemen en langer doorwerken. In de volkskrant magazine stond een artikel van een advocaat die een jaar sabbatical nam. Niet om de wereld rond te reizen. Maar gewoon om boodschappen te doen en tijd met zijn kinderen door te brengen. Levenstijd. Omdat ze maar een keer drie en vijf zijn….

Vorige week viel het boek van Correspondent Rutger Bregman Gratis Geld op de mat. Als je het nog niet gelezen hebt. Ik zou het doen. Aanrader. In zijn tweede hoofdstuk gaat het over de werkweek van 15 uur. Ook Rutger schrijft over de theorie van Keynes en de verwachting toen in 1930 dat de grootste uitdaging van deze tijd de invulling van al die Vrije Tijd zou zijn. En ook de filosoof Betrant Russell schreef in dezelfde eeuw de voorspelling: Er zal geluk en levensvreugde zijn, in plaats van overspannen zenuwen, vermoeidheid en buikpijn”……  Hij verwachtte dat ons heel andere zaken zou bezig houden. De kunst om je vrije tijd intelligent te besteden is het toppunt van beschaving schreef die Bertrent in 1930.

Zou dat Nieuw Organiseren kunnen zijn? Dat we ons daar eens over gaan buigen? Wordt het tijd?

Mijn vader vertelde me onlangs de mop van de bedrijfsorganisatie. En hoe de directeur de werknemers toesprak. Ze hadden het uitgerekend. Als iedereen vanaf dit moment alleen op dinsdag ging werken, dan konden ze het bedrijf redden. Een vinger ging omhoog. Elke dinsdag?!

Vandaag is het ook dinsdag geloof ik 😉

Nieuw Werken. Herverdeling van levenstijd? Meer evenwichtigheid. En echt, ik geloof ook dat het niet altijd even makkelijk is. Ik weet het. Want nu ik in mijn eentje de zorg draag voor ons gezin, voel ik ook de druk van het financieel wel rond te moeten krijgen. Tegelijkertijd heb ik het geluk gecreëerd dat ik werk heb, dat een soort van hobby is ook, waarmee ik in flexibele tijd een behoorlijk inkomen kan genereren. In elk geval een inkomen dat genoeg is om de dingen te doen die nodig zijn om fijn te leven. Wanneer ik wel en niet werk (en dus ook wel of geen geld verdien) betaal en bepaal ik gelukkig zelf. Ik besef steeds meer wat een ongelooflijke luxe dat is. Nee, ik heb veel zekerheden niet, maar ik ben er niet meer zo zeker van dat die zekerheden zekerheid bieden. Ze bieden vooral veel keurslijf en regels en tegenprestatie.

Zekerheid in ruil voor onvrijheid.

Sinds wanneer hebben we bedacht dat werken belangrijker is dan reizen, bidden, rouwen of het leven vieren. ‘”Zo, jij bent weer snel op de been”, hoorde ik de ene moeder zeggen tegen de pas bevallen collega-moeder. “Ach ja, straks weer werken. Kan maar beter zorgen dat ik zo snel mogelijk weer in de structuur en het ritme kom.” Ja, Je zou er maar eens aan kunnen wennen. Je levenstijd aan leven besteden. En dat meer mensen dat zouden doen. Dan stort de boel morgen in. Toch?

Ik ken iemand die haar levenstijd vooral het liefst besteedt aan reizen en verblijven in bijzondere wereldsteden. Ze plant haar werk tussen haar reizen door. Het is allebei even hard nodig en belangrijk. In haar agenda staan haar reizen vooraf ingevuld. Dan kan ze haar opdrachtgevers vertellen wanneer ze er is en ze een beroep op haar kunnen doen. Ze moeten snel zijn, want ze zit snel vol. Dat weten mensen. En daarom plannen ze het werk met haar goed in. Want anders is ze weg.  Ze zit nooit zonder opdrachten…

Vakantie en Werken omdraaien. Ooit stelde ik een directeur voor om zijn organisatie vraag eens mee te nemen naar het strand. Echt niet. Was zijn antwoord. Ik ga mijn werk echt niet mee nemen op vakantie.

Mwah, vroeg ik me toen af, misschien moet je je vakantie wat meer meenemen in je werk…

Ik denk aan de mensen die ik voor de vakantie in mijn hoofd en hart had om na de vakantie dingen mee te gaan doen. Die ik beter wil leren kennen. En om ze elkaar te laten kennen als ze dat nog niet deden. Het draait allemaal om betekenisvolle ontmoeting, bedacht ik ooit in een interview met Punkmedia. En werk is maar een voertuigje waardoor dat gebeurt. Net als vakantie. Er zijn altijd weer overal mensen die je op AAN zetten.

Ik krijg er zin in. Het Nieuw Organiseren Event om maar even iets te noemen waar de ontmoetingen zeker weer van betekenis zullen zijn. Waar de leuke mensen zullen zijn. Waar het vakantiegevoel is en blijft. Omdat het over mensen en organisaties gaat die gaan voor nieuwe ruimte in je hoofd en hart.

I know, you are always bringing people here, zei de Chinese eigenaresse van ons favoriete Ibiza restaurant. Zo’n plek waar je voorbij zou lopen, omdat het niet verwacht. Of weet. Hoe bijzonder het is. Het gaat vanzelf.

Aardige mensen. Goeie organisaties. Lekker eten. Goeie gesprekken. Gekke plekken. Mooie ontmoeting. Nieuwe Ruimte. Welbestede LevensTijd

Voor vandaag wens ik ons allen een dag vol van heerlijkheid toe….

Geniet van deze vrije ruimte….

Sandra van Kolfschoten en Frank Weijers gingen met elkaar in gesprek over de Taal van het nieuwe organiseren. Ze schreven er een artikel over.

Sandra van Kolfschoten en Frank Weijers kennen elkaar van vroeger. Grootschalige Onderwijsinnovaties, dat deden ze ooit samen. Ze ontmoetten elkaar na jaren geen contact te hebben gehad, Deze ontmoeting ging over de Taal van het nieuwe Organiseren. En hoe daar ruimte voor te maken. Omdat ze allebei ook van Ruimte houden. Ruimte maken voor denken over Nieuwe Taal op papier. Om daar maar eens mee te beginnen.

Nieuw Organiseren.

Iedereen is er druk mee. De seminars vliegen je om de oren. Net als de bijbehorende cursussen. We willen het allemaal. Nieuw. Anders. Beter. Fijner. Iets met meer passie en minder bazen. En dat het over waarde gaat en niet over winst. Dat we gelukkig willen zijn in ons werk. Nieuw Organiseren. What’s new?

Sandra

Of het organiseren echt NIEUW is. Of het consistent is. Taal verrast je en verraadt je. Dat is zo fijn. Als je dat eenmaal ziet. Voelt. Dan weet je beter waar het klopt, het nieuwe hart, en waar (nog) niet. Of nooit niet. Een beetje afhankelijk van de intelligentie van de marketing en communicatie afdeling is het ook soms. Hier zitten de mensen die de teksten schrijven over de nieuwe organisatie, de nieuwe leergang, de nieuwe visie, het nieuwe ‘echt menselijke personeelsbeleid’. Doen jullie dat ook? Peoplemanagement? Als het gaat over de leergang mensgericht organiseren met als doel dat je organisatie nog winstgevender wordt. Dan heb je het misschien toch nog niet helemaal te pakken.

Een middagje organisatie adviesbureaus en hun webteksten leergangen nieuw organiseren analyseren. Het is genieten. Materiaal verzamelen. Vooral ook omdat ik de laatste keer tijdens een sessie met bestuurders voelde hoe een kwartje viel. Eventjes tenminste. Bestuurders die op zoek naar bestuursbulshitbingotekst steeds meer uit de managementbladen scheurden en schaterlachend riepen “ik heb er weer een: een bestuurder die zijn mensen in staat stelt rijke leercontexten te creëren”.

Gisteren schreven we het zelf ook nog en nu vinden we het dan samen ineens belachelijke taal,, omdat wij hebben besloten dat we beleidsplannen gaan schrijven voor onze vrienden. Geïnspireerd door de blogs van @CorNoltee die zijn studenten projecten leert pitchen in taal voor hun vrienden. Alsof je samen aan de bar staat. Omdat dan alle ruis verdwijnt en alleen het echte overblijft. Het ware. Genieten is dat. En ik wil daar meer van komend jaar. Strategische beleidsplannen schrijven voor je vrienden. Wat zal je Raad van Toezicht daar van vinden? Meer materiaal verzamelen en met meer mensen in organisaties op zoek gaan naar de taal, de woorden die passen bij wat ze willen en doen. Lichtvoetig zwaarwichtige taal. In plaats van de zwaarwichtige bullshit.

Frank

Woorden en zinnen weerspiegelen wat er van binnen leeft. Iemand die zegt ‘pas op’ en ‘ik ben toch bang dat…’, ‘het is vijf voor twaalf’, ‘we kunnen geen kant meer op’, ‘het water staat ons aan de lippen’ en nog zo wat, daar gebeurt van binnen iets anders dan bij haar of hem die zegt ‘ik heb d’r zin in’, ‘we gaan ’t aanpakken’.

Angsten en verlangens worden zichtbaar en hoorbaar in de taal. Taal ‘verraadt’ ook hier. Angst is besmettelijk, en gelukkig is verlangen dat ook. Veel mensen hebben geen idee wat de impact is van de taal die ze gebruiken. De leidinggevenden waar ik mee werk doen daarmee, vaak onbedoeld, veel slechts of juist goeds (dat lijkt die laatste categorie dan overigens vaak wél in de gaten te hebben).

Het verhaal van de manager die je vertelt hoe goed het gaat in de organisatie. Welke diepgaande verandering hij teweeg heeft gebracht “om de mensen in hun eigen kracht te zetten”. Da’s inderdaad dikke pret: ‘Ik zet mijn medewerkers in hun kracht’. Hetgeen niet alleen totale onzin is, maar ook uitermate vernederend en aanmatigend. Net als ‘Ik geef je de ruimte’ (van wie was die ruimte eigenlijk?). De manager die zegt (en je zou bijna gaan denken dat hij er zelf in gelooft): ‘dat POP-gesprek is een cadeautje, het is er voor jou!’ Hoe zulke mooie zinnen van leidinggevenden over ruimte geven aan HUN mensen van mooi gezegd en goed bedoeld ineens eigenlijk intens beledigend zijn. Schaamrood op je kaken krijg je ervan.

‘Het herordenen van cohorten leerlingen’. Zo praten ze waarschijnlijk ook over varkens in het slachthuis. De manager die zegt: ‘Ik leg verantwoordelijkheden laag in de organisatie’. Onzin en zwaar beledigend. Er valt echt niks te ‘leggen’ voor hem. En daar waar mensen hun werk doen, laten we dat nou eindelijk gewoon eens ‘hoog in de organisatie’ noemen. Wat is nou onder en boven? Mooier is natuurlijk om ook hier weer met de bezem doorheen te gaan: wat nou ‘onder’ en ‘boven’? Naast elkaar. Samen. Gedeeld leiderschap. Je hebt invloed op basis van wat je bijdraagt, niet op basis van je positie, functie, visitekaartje.

Sandra

Rationaliteitsschaamte, daar hoop ik op als we samen met organisaties (mensen) met taal bezig gaan. Want is er schaamte, dan is er nog sprake van beroepstrots. En daarmee van hart voor je vak, je werk en je organisatie.

Frank

En natuurlijk gebruiken mensen deze taal niet omdat ze slecht zijn, maar omdat we dat met z’n allen zo hebben geleerd en doen alsof het normaal is. Mijn ervaring bij workshops over taal is dat bewustwording van de woorden en zinnen die je gebruikt inderdaad een vorm van schaamte veroorzaakt, in eerste instantie gepaard gaand met veel lol. Dat is prima: lach vooral om jezelf. Kijk er met mildheid naar, en dan doe er iets aan!

Sandra

Dan kunnen we aan de slag. Ik verlang naar meer bedrijven die in gewone mensentaal beschrijven wie ze zijn en wat ze doen. In taal die hun eigen persoonlijkheid naar boven haalt die soms letterlijk verstopt zit achter ‘Braaftaal’ en ‘Mooipraat’ zoals Joep Schrijvers ooit al schreef in Hoe word ik een rat.

Neem bijvoorbeeld de websteksten van mijn garage, waar je zinnen kunt lezen als ‘Wij dragen graag zorg voor de optimale kwaliteit van uw auto.’ Een zin die ik die mannen nog nooit heb horen uitspreken in het echie. Zinnen die je niet tegen je vrienden zegt bij je biertje als je vertelt over die geweldige bak die je gisteren binnen hebt gekregen en waar je niet mee kunt wachten om straks eens ff de wereld te laten zien wat er onder al dat roest te voorschijn komt. Hoe je daarmee je Kia Poetsende Buurman voorgoed de mond snoert. Deze zinnen die je nooit in een occasion advertentie tegen komt, maar die wel precies de WHY van jou en je bedrijf aangeven. Waarom je je bed uitkomt zeg maar. Dat is toch heerlijk om te schrijven. En te lezen. Over je organisatie en de mensen waar je hart voor klopt.

Frank

Scholen die vetgedrukt beweren dat hun missie ‘talentontwikkeling van leerlingen’ is. Daar moet je eens op doorvragen. Wat doen al die mensen op dinsdagochtend en donderdagmiddag om dat voor elkaar te krijgen. Hoe doen ze dat dan? Natuurlijk, er gebeuren gelukkig ook prachtige dingen op scholen, maar de slogans en oneliners worden vaak totaal niet waargemaakt.

Sandra

Ik had laatst een gesprek met een bedrijf dat leergangen verkoopt, waarin ze schrijven over ‘het implementeren van gedachtengoed dat leidt tot succesvolle groei van uw organisatie.’ Gedachtengoed dat gaat over de gedachte dat groei en succes niet het uitgangspunt vormen van organiseren. Het was een mooi gesprek samen. Is het gewoon nog niet de juiste taal gevonden hebben? Of is het eigenlijk niet echt doorleven waar dat nieuwe organiseren wel en juist niet over gaat? En gieten we gewoon sausjes over dingen die we al deden? Als Semco hot is, doen wij gewoon vanaf nu ook Semco. BAM. Gewoon omdat het kan…..

Frank

Ik denk dat echte verandering niet begint met opnieuw in mooie woorden en zinnen te beschrijven wat het allernieuwste organiseren is. Het begint met bewustwording van de taal die we nu gebruiken, omdat die taal zoveel meer is dan de woorden en zinnen waaruit ze bestaat. Je schrijft het hiervoor ook al: taal verraadt ons. Als we ons hier voor openen, leren we heel veel over onszelf. Over hoe we met elkaar omgaan, hoe we de werkelijke en gewenste wereld vorm proberen te geven en hoe we dat misschien ook anders kunnen doen. Ik word blij van jouw ‘beleidsplan voor je beste vrienden’. Wat een verademing! Stoppen met dat geleuter, gewoon opschrijven wat je voelt, wilt, waar je van droomt. En ja, daar moet je ook goed bij nadenken, maar da’s iets anders dan van je plannen een soort onbegrijpelijke kermis te maken die indruk moet maken, omdat het nu eenmaal zo hoort in een beleidsplan.

Sandra

En ook wil ik meer organisaties die, net als de organisaties in onze laatste tweedaagse voor de zomer, ontdekken en benoemen dat ze eigenlijk liever deel uit maken van een Bende dan van een keurige, passende organisatie. Die dromen van een eigen Zwarte Hand organisatie. Rebels willen zijn, het systeem van regel willen ontregelen om zo weer bij de kinderen te komen. En daarbij Taal gebruiken die past bij de WHY. Dus geen ‘beschikking’ schrijven als je eigenlijk ‘kinderen’ bedoelt. De secretaresses lieten in de tweedaagse zien het begrip ‘ papieren realiteit’ meer dan begrepen te hebben . Hun blog draagt de titel ‘Lief Papieren Kind’. Een verhaal dat recht je hart in gaat.

Heb jij ook van die voorbeelden Frank? Van mensen en organisatie waar je meer van zou willen. Of juist minder? En omdat jij als mijn vroegere leermeester nu eenmaal veeeeeeeeeeeeeel ouder bent dan ik ben, heb je misschien ook wel eigen leer- en levenservaring waar je uit kunt putten. Hoe goedbedoeld jij het vroeger deed als manager bijvoorbeeld.

Frank

Goedbedoeld.. haha! Ja, ik heb rare dingen gedaan en gezegd en geschreven, en doe dat vast nog steeds (een beetje), want ik ben ook een kind van deze tijd en cultuur. Ik heb ook vol enthousiasme gedacht (en betoogd!) dat het goed was om verantwoordelijkheden laag in de organisatie te leggen, heb meegewerkt aan megalomane projecten waarin we organisaties wel eens even radicaal gingen vernieuwen en was ervan overtuigd dat leidinggevenden vooral goed moesten ‘sturen’, dat het van belang was dat ‘de neuzen dezelfde kant uit zouden staan’. Tsja.

Sandra

Ik weet dat ik ‘mijn’ mensen ook lastig heb gevallen met competentiescans. Sterker nog, ik heb ze als adviseur mee ontwikkeld. Sneller. Beter. Efficiënter. Passend in het door de organisatie (lees directie) ontwikkelde beleidskader. Meelopen in de pas. Hoe natuurlijk dat in ons zit. Hoe veel makkelijker dat is dan uit de pas lopen, of nog mooier je eigen pas ontwikkelen en die vasthouden. Robin Williams laat in Dead Poet Society zien hoe we conformeren. Hoeveel moeilijker het is om te gaan voor het vinden van je eigen pas..

Je eigen pas lopen. Of misschien wel, dat je in staat bent om te kiezen. Dat je organisatie oude bullshit taal gebruikt op momenten dat het even nodig is om het systeem te foppen, dat je even een beleidsplan voor in de la schrijft voor een inspectie partij die het toch niet leest, maar dat we dit met elkaar niet meer serieus nemen.

Frank

Ik vind dat we ook dat niet meer moeten doen. The beautiful risk of education van Gert Biesta sterkt me erin: stoppen met die flauwekul om anderen zogenaamd tevreden te stellen, omdat het systeem nu eenmaal zo in elkaar zit. Zoveel taal van de inspectie is op grip, beheersing, controle, meetbaarheid en afrekening gericht (‘rode kaart’, ‘zwakke school’, ‘toezichtsarrangement’, ….). Daar gaat het niet om. Onderwijs is een risicovolle onderneming. Mooi zo!

In het onderzoek naar taal dat gebruikt wordt door bestuurders, managers, hemelbestormers en anderen komen we van alles tegen:

volstrekt onbegrijpelijke taal (zeg maar: onzin);
zogenaamde vaktaal (waar ook nogal wat onzin in zit), waarbij mensen elkaar denken te begrijpen (hoogst verwarrend);
incongruent taalgebruik (je geeft er prachtige voorbeelden van, zoals: het gedachtengoed van Semler in een cursus wil stoppen..);
(mis)leidende taal, taal die ons bang maakt, of juist ons verlangen wakker maakt en aanwakkert;
taal die ons welkom heet, of juist niet (website-teksten, plannen en vooral reglementen staan vaak vol van wat moet, wat vooral niet mag en welke vreselijke sancties daar op staan – je voelt je er niet echt welkom door);
Schijnveilige Taal, die doet lijken alsof er geen probleem meer is:, bijvoorbeeld ‘Zorg kwetsbare kinderen toch centraler geregeld.’
Sandra

‘Finding your own walk’ en ‘talking your own talk’. Misschien is dat voor mij nu even de richting waar Nieuwe Taal en Nieuw Organiseren over zou kunnen gaan. Dat je als mens en organisatie door samen naar Taal te kijken het licht ziet . Zoals dat bij mij viel toen ik Edu Feltmann zijn teksten las. Over Gras versus Knikkeren. Over hoe we ook de taal van de liefde zouden kunnen gebruiken in organisaties, in plaats van die van het organiseren. En wat een vreemde begrippen organiseren, sturen, motiveren en leiden eigenlijk zijn. Als je met andere (nieuwe) ogen naar je eigen beleidsplannen of advertenties kijkt. Samen. Wat zie je dan? Misschien kun je dan ineens de (on)zin zien en kun je ook precies de weak signals aangeven waar de taal (nog) niet klopt. Dat mensen anders bij ons weg gaan als we het samen over taal hebben gehad. Of juist meer als zichzelf eigenlijk. Omdat het kwartje is gevallen. Dat je het ziet. Voelt. Omdat je het door hebt.

Still Confused

But on a much higher level now.

Zou dat geen mooi verlangen zijn om samen de wereld in te zwermen…

Frank Weijers begeleidt leidinggevenden in het onderwijs. Sandra van Kolfschoten helpt mensen en organisaties ‘meesterlijk’ te worden. Ze geeft tijdens het nieuw organiseren event 2014 op 7 oktober een TaalMAsterKlass.

Kunnen we dat heerlijke vakantiegevoel eigenlijk ook hebben tijdens ons werk? Sandra van Kolfschoten denkt van wel.

Het was weer fijn. Zon. Zee. Strand. Lucht. Ruimte.

Vooral dat laatste. Ruimte in het hoofd. Lekker leeg. Leeghoofd. Niks mis mee. De zee die ruiste soms wat door al die lege ruimte heen; alsof mijn oor de hele tijd in een schelp zat, zo’n soort geluid was het. Ik vond het wonderlijk hoe snel het dit jaar ging. Hoe snel ik in de ‘vakantiemodus’ zat. Drie weken lang lekker vertoeven met een korte broek, slippers en zand tussen de tenen.

Thuisgekomen ging de schakelaar weer de andere kant op. In mijn lege hoofd druppelden langzaam aan weer ‘werk-dingen’. Die korte broek en slippers probeerde ik zo lang mogelijk vol te houden, maar na drie dagen bibberen werd dat toch een beetje ongemakkelijk.

Nou, ik was weer thuis. Lekker. In Nederland. Regen. Eerst druppelde het wat. En dan volgt die enorme stortbui als Alex en ik net samen op de fiets zitten. Niks meer aan te houden. Tropisch. Doornat. De may-the-force-be-with-you-postbode zwaait schuilend onder de luifel van de dierenwinkel. Iedereen lacht. Het stroomt buiten, en later ook binnen in mijn hoofd

Nieuw organiseren. Ik wil het ook altijd na een vakantie. Ik verlang naar nieuwe dingen. En naar oude dingen. Ik wil het anders, maar ik weet even niet hoe. Is het nu fijn om straks weer te gaan werken? ‘Nog even genieten,’ hoor ik mezelf zeggen tegen mensen. Nog even niet die werk dingen in mijn hoofd. En ik vraag me af hoe dat nou zit. Ik geniet toch van werk? Ik schreef vorig jaar toch een column over hoe ik werk om mijn leven organiseer in plaats van mijn leven om mijn werk? En dat ging me best goed af, bedenk ik me. Daar wil ik wel weer mee verder, maar hoe ging dat ook al weer precies? Hoe deed ik dat?

In mijn lege zeehoofd druppelen afspraken die ik straks weer heb. Ik zie mijzelf zitten voor de vakantie. Achter een tafel. Met broodjes en leuke mensen. We bedenken boeiende dingen voor een bijeenkomst die we weer eens heel anders gaan doen. Ik had mooie ideeën toen, weet ik nog. Heel scherp zag ik alles. Hoe zat het ook al weer? Weet ik het nog wel?

En dan ineens gebeurt het. Begint het te stromen. In deze overlapping van ‘thuis nog op vakantie zijn’ gaan de dingen zich verbinden. Als vanzelf. En nu zie ik weer dingen vanuit gisteren voor morgen. Voor straks en dan. Om ook in de werkmodus mooie dingen te gaan doen. ‘Vakantiewerk’ is het woord dat bij me opkomt. Als we dat er eens van zouden kunnen maken na de zomer. Op je slippers door het zand blijven lopen, en ondertussen een beetje geld verdienen. Ooit stelde ik een directeur voor om zijn organisatievraag eens mee te nemen naar het strand. ‘Echt niet,’ was zijn antwoord. ‘Ik ga mijn werk echt niet meenemen op vakantie.’

‘Mwah,’ vroeg ik me toen af, ‘misschien moet je je vakantie wat meer meenemen in je werk.’

Aan die zin denk ik als ik op het terras zit te eten en weer ‘toevallig’ aan iemand klik. Zo’n klik zou zo maar eens mee kunnen na de vakantie. Weer een mooi verhaal voor op een podium ergens. De radartjes draaien weer. Ik denk aan de mensen die ik voor de vakantie in mijn hoofd en hart had. Na de vakantie wil ik weer dingen met ze doen. Ik wil ze beter leren kennen en ze aan elkaar voorstellen. Het draait allemaal om betekenisvolle ontmoetingen, bedacht ik ooit in een interview met Punkmedia. En werk is maar een voertuig waardoor dat gebeurt. Net als vakantie. Er zijn altijd en overal weer mensen die je op ‘AAN’ zetten.

Ik krijg er zin in, in het Nieuw Organiseren Event en in de MKB Krachtcentrale. Om maar even de eerste dingen te noemen waar de ontmoetingen zeker weer van betekenis zullen zijn. Waar de leuke mensen zullen zijn. Waar het vakantiegevoel is en blijft, omdat het over mensen en organisaties gaat die gaan voor ruimte. En dan heb ik het nog niet eens over Retoriek Twee en de betekenisbronnen die daar weer worden aangeboord. Een zee van nieuwe ruimte ligt voor me.

‘I know, you are always bringing people here’, zei de Chinese eigenaresse van ons favoriete restaurant op Ibiza. Dat was zo’n plek waar je voorbij zou lopen, omdat je niet verwacht of weet hoe bijzonder het is. Op zo’n plek gaat het vanzelf. Aardige mensen. Goede organisaties. Lekker eten. Goede gesprekken. Gekke plekken. Mooie ontmoetingen. Nieuwe Ruimte.

Dat blijven we maar doen dan. Ook in september. Op de slippers. Zo lang als het kan.

Sandra van Kolfschoten schreef aan het begin van dit jaar over het Nieuwe Niet Meer Zoveel Werken. Als een soort goed voornemen. En zoals met meer goede voornemens, valt het niet mee.

Het valt niet mee om niet in oude gedragspatronen terug te vallen. Zelfs na de afgelopen twee jaar, waarin ik echt een heel ander perspectief heb gekregen op werk en leven. Ineens snap ik de bankiers en de beursgangers. Wel roepen dat je het niet meer wil. Dat je het inzicht hebt gekregen dat het zo niet langer kan. Dat de crisis je nieuw perspectief geeft. Dat het om nieuwe waarden gaat. Dat meer van het zelfde niet meer werkt.

En dat je dan toch al snel ontdekt dat je weer hetzelfde doet. Het sluipt er langzaam in zei iemand. Nou. Laat dat langzaam maar weg. BAM. Ik ben er weer. Daar waar ik niet wilde zijn. Toch?

Puppy

Het is maand 3 van het nieuwe jaar. Maand 1 heb ik lekker veel gewerkt om zo ruimte te kunnen maken voor de pup in maand 2. Voor het opvoeden van een puppy heb je veel tijd nodig, zei iedereen. Dat is ook zo. Maar laten wij nu weer een pup hebben gekregen die zich heel goed en snel in ons gezin organiseert. Die gewoon mee gaat in de auto, overal heen.

Die lekker uren in zijn mand of bench slaapt, nadat je even met hem hebt gewandeld en gespeeld. En het ook prima vindt om alleen thuis te zijn. Lekker rustig. En die ook al praktisch zindelijk is.

Ja. Weinig werk aan.

Verslaving

En dan kun je dus best weer wat klussen buiten de deur oppakken. Ik heb met mezelf afgesproken dat ik mijn werk om mijn leven heen organiseer. Niet meer mijn leven om mijn werk. In week 2 van maand 3 betrap ik mezelf ‘levensafspraken’ te verschuiven voor werk. Ja, ik zou wel naar de Jonge Weduwe-lunch gaan, maar ja: dit is een leuke klus. Ook moeilijk naar een andere dag te verplaatsen.

Ik wil niet zoveel levenstijd meer opmaken aan werken. Hoe leuk dat werk ook is. Maar is het echt leuk? Of zijn het Cravings, horende bij elke verslaving. De kick dat mensen je willen. Dat je een grote klus kunt aanpakken, dat je weer een lading euro’s kunt factureren. Want ja. Binnen is binnen. Als ondernemer blijft het altijd spannend: het kan zo anders worden.

En ook niet. Ik wilde andere dingen belangrijker vinden. Ik wil geld liever ruilen voor (levens)tijd, in plaats voor meer geld. Maar als je niet alleen werkt voor geld, maar uit dat werk ook bepaalde energie haalt. En dat werk je tegelijkertijd ook afleidt van moeilijke levensdingen. Hoe kantel je dat dan?

Lekker belangrijk hoor ik mensen zeggen. Wees blij dat je weer mee doet. Dat je je inkomen genereert. Dat je de kost kunt verdienen voor je gezin. Dat je lekker bezig bent. Dat je weer van deze wereld bent. Dat je weer doet wat je altijd deed. Maar ja. Dan krijg je ook wat je altijd kreeg. Juist in mijn afstand tot werk en mijn nabijheid van leven en dood kreeg ik nieuwe dingen. Al had ik het natuurlijk liever allemaal niet meegemaakt.

Verandering

Ik spreek steeds meer mensen in mijn omgeving die de dingen anders (willen) organiseren. Mijn meesterlijke partner werkt op vrijdag in een garage. Met een andere collega-ondernemer zorgen we dat haar enorme golf opdrachten er niet toe leidt dat ze verdrinkt in haar eigen succes. Vijf jaar geleden hadden we ons vooral zo efficiënt mogelijk over de kop gewerkt om alles te kunnen doen en behouden. Nu helpen we elkaar om ruimte te maken voor de echt belangrijke dingen. We houden elkaar scherp op wat er toe doet. Wandelen met de hond. Op vakantie met je kinderen. Andere dingen leren. Iets Maken. Zelf je nieuwe huis opknappen. Koffie drinken bij de buurvrouw. Schrijven. Lezen. Ontmoeten. Leven.

Het is heel fijn om te ervaren dat de investeringen die je in het verleden hebt gedaan, geen garanties bieden voor de toekomst, maar er nu wel voor lijken te zorgen dat de dingen op ons afkomen. Het Nieuwe Organiseren, eerst nog een vaag begrip, wordt op zoveel plekken omarmt. En de ondernemers die starten adviseer ik graag in het zaak maken van hun passie. Of het nu over tassen of loopbaanportretten gaat.

Object van begeerte

Het lukt om mensen te helpen hun organisatie tot object van begeerte te maken. En ja natuurlijk wil ik ook deel uit maken van het Nieuwe Crowdfunding Platform als me dat gevraagd wordt. Want daar gaan ook mooie dingen gebeuren. En een kopje koffie met De Broekriem; want misschien kan ik ergens mee van dienst zijn. Ja. Hoe leuk is dat. Natuurlijk…….

En object van begeerte word je ook als je de dingen van je af duwt. Net als vroeger. Als je dan eindelijk verkering had in de brugklas, wilden ze ineens allemaal met je naar het schoolfeest. Voor die tijd stond je hunkerend aan de kant. En het streelt je ego hè? Als je dan weer gevraagd wordt.

The race is long.

And in the End.

It is only with yourself.

Nieuw Leven Organiseren. Het valt niet mee. Ik ga nog maar eens dit filmpje bekijken:

Waarom werken we eigenlijk zoveel, vraagt Sandra van Kolfschoten zich af? Een reflectie op werk en een paar goede voornemens voor het nieuwe jaar.

Gisteren toen ik bij de apotheek zat te wachten op mijn antibiotica-want-ik-kom-maar-niet-van-de-griep-af-pillen, overviel het me ineens. Om 17.25 uur, terwijl de dames van de apotheek de benen onder hun lijf uit renden om iedereen van pillen en poeders te voorzien. ‘Wat besteden we toch belachelijk veel levenstijd aan werk,’ dacht ik opeens. Aan arbeid. Al die mensen die de hele dag, dag in dag uit, jaar in jaar uit hun tijd besteden op een plek waar ze geld krijgen. Ja, natuurlijk, werken is fijn. Zeker als je de luxe hebt iets te doen waar je van houdt en waar je goed in bent. Maar die verhouding. Het is zo veel levenstijd.

Waarom besteden we zoveel tijd aan werk? Waarom vinden we dat zo belangrijk? Ik dacht ineens aan de discussie in de jaren tachtig of negentig, dat er mensen waren die wilden bidden tijdens werktijd. En hoe ingewikkeld dat was. En hoe je dat dan moest verrekenen. Werken is namelijk belangrijker dan bidden. Logisch. Vond ik ook. En belangrijker dan je kind voeden, want ook dat is eigenlijk onzin. Daar moeten we dan wetten voor maken, want anders nemen die moeders er maar een loopje mee, met dat borstvoedingsgedoe. Het houdt je maar af van het werk. Je man is dood? Verdrietig. Officieel krijg je 2 dagen verlof om de boel te regelen. En je kunt wel wat onbetaald verlof opnemen, maar niet te gek natuurlijk. Kom, kom, het werk wacht. En het is ook goed voor je. Werken. Dat maakt je een beter mens. Daarom moeten mensen in de bijstand nu ook voor elke euro een tegenprestatie leveren. Dat is goed voor je, daar ontwikkel je je van. Stratenveegjasje aan. En dan breng je de kinderen maar even naar oma. Heeft die ook iets om naar uit te kijken.

We werken sowieso veel te veel als je naar de economische theorie van Keynes kijkt. Hij voorspelde dat mensen in de twintigste eeuw nog maar een beperkt percentage aan arbeid hoefden te besteden om met elkaar de economie draaiende te houden en de rest ingevuld zou worden met leisure, vrije tijd. Niet betaalde tijd die je kunt besteden aan andere (nuttige) dingen. Maar we lieten Keynes los en gingen de vrije markt economie op. Groei groei, meer meer. Aandeelhouders en divident in plaats van zorg en verzekering. Tweeverdieners betekent niet dat je het samen verdient, en ieder de helft werkt, maar dat je twee keer zoveel verdient en een groter huis kunt kopen.

Het absolute toppunt van de onvrijheid vond ik afgelopen maand de discussie over het vaderschapsverlof. Dat je als vader drie dagen onbetaald verlof op mocht gaan nemen omdat je kind werd geboren. Misschien is het omdat ik al te lang zelfstandig ondernemer ben, dat ik dit zo niet logisch vindt. Onbetaald verlof, dat bepaal je toch zelf? Ja, wel handig om het zo goed mogelijk af te stemmen en te overleggen. Maarre…. Je mag toch zelf kiezen als je niet wil werken en daar geen geld voor wilt ontvangen? Het drong toen pas tot me door dat dit niet zo is. Moderne slavernij. We zijn allemaal gedoemd tot arbeid. Het moet.

Nieuw Werken. Zullen we in 2014 eens gaan kijken naar herverdeling van levenstijd? Meer evenwichtigheid. En echt, ik geloof ook dat het niet altijd even makkelijk is om de kost te verdienen. Ik weet het. Want nu ik in mijn eentje de zorg draag voor ons gezin, voel ik ook de druk van het financieel wel rond te moeten krijgen. Tegelijkertijd heb ik het geluk dat ik werk heb, dat een soort van hobby is ook, waarmee ik in flexibele tijd een behoorlijk inkomen kan genereren. In elk geval een inkomen dat genoeg is om de dingen te doen die nodig zijn om fijn te leven. Wanneer ik wel en niet werk (en dus ook wel of geen geld verdien) betaal en bepaal ik gelukkig zelf. Ik besef steeds meer wat een ongelooflijke luxe dat is. Nee, ik heb veel zekerheden niet, maar ik ben er niet meer zo zeker van dat die zekerheden zekerheid bieden. Ze bieden vooral veel keurslijf en regels en tegenprestatie. Zekerheid in ruil voor onvrijheid.

Sinds wanneer hebben we bedacht dat werken belangrijker is dan reizen, bidden, rouwen of het leven vieren. ‘”Zo, jij bent weer snel op de been”, hoorde ik de ene moeder zeggen tegen de pas bevallen collega-moeder. “Ach ja, straks weer werken. Kan maar beter zorgen dat ik zo snel mogelijk weer in de structuur en het ritme kom.” Ja, Je zou er maar eens aan kunnen wennen. Je levenstijd aan leven besteden. En dat meer mensen dat zouden doen. Dan stort de boel morgen in. Toch?

Ook de zelfstandig ondernemers die toch in vrijheid alles zelf zouden moeten kunnen organiseren, maken veel van hun levenstijd op aan werk. Tsja. Wat moet je anders doen he ;-). Is het welbestede levenstijd?, leerde ik ooit als vraag en maatstaf te nemen voor het maken van een juiste keuze. Hoeveel netwerkbijeenkomsten moet je bijwonen?

Ik ken iemand die haar levenstijd vooral het liefst besteedt aan reizen en verblijven in bijzondere wereldsteden. Ze plant haar werk tussen haar reizen door. Het is allebei even hard nodig en belangrijk. In haar agenda staan haar projecten en werkweken vooraf ingevuld. Dan kan ze haar opdrachtgevers vertellen wanneer ze er is en ze een beroep op haar kunnen doen. Ze moeten snel zijn, want ze zit snel vol. Dat weten mensen. En daarom plannen ze het werk met haar goed in. Want anders is ze weg. Ze zit nooit zonder opdrachten…

Mijn werk is belangrijk. Net als mijn gezin, mijn vakanties, vrienden, familie en straks ons nieuwe puppie.

“Dat kan toch helemaal niet. Een hond als je in je eentje het thuis moet regelen en werken en je kind. Zorg nou eerst maar dat je in een werkritme komt en dan kijk je of een hond past.” Ik besloot het andersom te doen. Eerst de hond. En dan pas ik daar mijn werkritme wel op aan. Januari is volgeboekt, want de eerste twee weken van februari wil ik zo ruim mogelijk houden voor ons nieuwe hondje. En de mensen die me heel graag willen spreken, die komen aan mijn keukentafel zitten, of gaan mee wandelen in het bos. Het organiseert zich weer zelf. Ander perspectief geeft een nieuwe werkelijkheid.

Nieuw Organiseren van LevensTijd

Sandra van Kolfschoten had een drukke week: ze sprak tijdens het nieuworganiseren.nu event, bezocht PermanentBeta en… haar auto ging stuk. Lees haar blog.

Het was een boeiende week. Benieuwd wat volgende week gaat brengen.

Ik moest denken aan hoe Dröge altijd zijn ‘society minnend Nederland’ afsloot. Ik keek daar altijd graag naar. De Elite. Oud geld en Nieuw geld. Nu heeft Jort ‘Hoe Heurt het’. Ook mooi. En ook anders.

Nieuwe Wereld

Afgelopen week was de week van Nieuw Organiseren en van PermanentBeta. Twee Events die gaan over innovatie en beweging naar een Nieuwe Wereld. Het netwerk raakt elkaar, net als de onderwerpen.

Jan Rotmans vertelt op PermantBeta zijn verhaal over de verandering van Tijdperken. Managementboek Magazine valt in de bus met op de voorkant Martijn Aslander met de titel: ‘We leven in een Nieuwe Renaissance.’ Jaap Peters begint zijn verhaal op Nieuw Organiseren met de zin ‘we organiseren vooruit naar vroeger’. Mijn column gaat die dag over de Retro Organisatie.

Nieuw Organiseren. Nieuwe Tijden. Geschiedenis. Toekomst.

In mijn Jonge Weduwe Blog schrijf ik deze week over hoe ik vooruit wil leven en achteruit wil blijven verbinden. Hoe neem ik gisteren mee in morgen? En is de enige plek om te zijn misschien toch het hier en nu?

Tijdens de leergang retoriek bij Jan Vaessen leerde hij me ooit dat het Hebreeuwse werkwoord geen tegenwoordige tijd kent. Het is de tijd waar verleden en toekomst elkaar overlappen. Die overlapping is het nu.

Als we het hebben over Nieuw Organiseren, praten we veel in termen van oude en nieuwe tijden. Ook gaat het over vroeger en over nu. Over ons en over zij die het nog niet begrijpen. De Klaverblad commercial, daar denk ik dan aan. ‘Als je maar lang genoeg gewoon blijft, word je vanzelf bijzonder.’ Het mooiste stukje van het filmpje zit in de laatste minuut waar de snelle reclameboys terugbellen naar huis: ‘Het ging super! Alleen jammer dat de klant er weer niks van begreep….’

Ons soort mensen. Onze netwerken. Het warme bad. Voor de Dag van de Retoriek in 2011 hield ik een verhaal over de vraag welke perverse effecten we zelf wellicht aan het creëren zijn, als we ons alleen verbinden met daar waar de verbinding is. Met de gelijkgestemden. En of de tijd wellicht is aangebroken om daar de verbinding te maken waar ‘ie nog niet is. En hoe moeten we dat dan gaan doen? Als we elkaars taal niet (meer) (willen) spreken?

Ons Soort Mensen

Op PermanentBeta vertelde Martijn Lampert van Motivaction over een onderzoek dat zij samen met Martijn Aslander deden naar de ‘Da Vinci Eigenschappen’ en de doelgroepen/menssoorten waar deze eigenschappen het meest voorkwamen. Het zal geen verrassing zijn dat dit vooral ‘Ons Soort Mensen’ was. De Innovators. De Connectors. De Postmodernen.

Meer interessant nog aan het onderzoek vond ik de gedachte hoe de verbinding te maken met daar waar die eigenschappen minder schijnen voor te komen. Waar het niet logisch is om Kunst en Techniek met elkaar te verbinden. Hoe je oorlogservaringen van geharde soldaten bijvoorbeeld verbindt aan muziek. Zoals Amy van Son doet in haar project Your Song. Om te midden van een organisatie als Defensie de aandacht te vragen voor gevoel, voor emotie, voor kunst. En door tegelijkertijd hun professie, beroepstrots, kennis en ervaring mee te nemen als iets waar wij dingen van kunnen en willen leren. In plaats maar steeds te roepen dat het leger niet meer van deze tijd is.

Permanent prototype

Peter Ros leerde mij wat PermanentBeta betekende. Beta staat achter een proefconcept dat je mag gebruiken. Een prototype. Als we nu besluiten dat bij alles wat we doen, we in Permanent Beta zijn. Het hele leven misschien wel een prototype is. Welke ruimte en mogelijkheden geeft dat dan? Hij deed ook de oproep om vraagstukken en problemen in hun context te bekijken. In de context van de tijdsgeest. Om geen Nieuwe Elite te maken.

Nieuwe tijden, Nieuwe Cup-a-Soup, zou ik zeggen. Kunnen we ook naar de bankiers kijken als professionals handelend in een tijdsgeest. Tegen managers als mensen die opgeleid zijn in de tijd dat we dachten dat MBA het antwoord was. We wisten het ook niet toen. En met de kennis van toen hadden we het zelf wellicht ook niet echt veel beter gedaan. Er werd wat schamper gelachen om de jongen die zijn auto nog als statussymbool zag. Ik vond het niet zo grappig. Doe mij maar een fijne auto. Nog steeds. Niks mis mee. Ga jij toch lekker met de fiets duurzaam door de regen?

Garage

Vanmiddag zit ik bij de jongens van de garage. Ik zei het al eens eerder. Die fijne auto was afgelopen jaar steeds kapot. En dan zat ik daar aan de koffie. Beetje kletsen met de mannen, tussen de rook van zware shag. Op een dag kwam ik de auto ophalen en zaten zij wat verslagen aan tafel. Tsja. De crisis is ook daar. ‘Wat doe jij eigenlijk?’ vroeg er eentje. ‘Ik adviseer organisaties’, antwoordde ik. ‘Hmm’, zei ‘ie, ‘moet je ons ook maar eens adviseren haha.’ Ik dacht er even over na en ben de week erna teruggegaan.

‘Istie weer kapot?’ vroegen ze ongerust. ‘Nee’, antwoordde ik. ‘Ik heb nagedacht over jullie opmerkingen. Misschien kan ik helpen.’

Het viel helemaal stil. Eerst was ik bang dat ze me heel hard zouden uitlachen. Maar dat gebeurde niet. En daarna kwamen de verhalen. Over wat ze wilden. Wat hun zorg was. Hoe het ging. En hoe niet. Ik zie hun oorspronkelijkheid. Hun vakmanschap. Het gave bedrijf wat die garage is. En vanmiddag gaan we samen brainstormen. Met een pizza. Gewoon doen. Iets moois maken. Vanuit heel verschillende werelden. Geen idee wat het gaat worden. Wat mij betreft iets heel erg Retro, met aandacht voor vroeger en impulsen van morgen en vandaag.

En hopelijk spreek ik een andere laatste zin uit bij het verlaten van ‘De Toko’ vanmiddag…

Benieuwd wat volgende week gaat brengen…

Sandra van Kolfschoten (Meestersadvies), Lichtvoetig Zwaarwichtig Organiseren

Hoe nieuw is nieuw eigenlijk nog, nu het steeds meer bovenstroom wordt, vraagt Sandra van Kolfschoten zich af. En is er nog wel plaats voor ons, pioniers?

Nieuw Organiseren. Nieuw Werken. Nieuw Leren. Mijn boekenkast puilt uit. De laatste jaren gevuld met boeken als Society3.0, Easycratie, de Whuffiefactor, Durf te vragen, Het Rijnlandboekje, De Broedfactor, Nieuw Europees Organiseren, Fuck de regels, Ik was een schaap, Slowmanagement, WEconemy. Ik heb en ken ze allemaal, ook de auteurs.

Broedplaatsleren

Mijn laatste aanschaf was het onderzoek naar Nieuwe Businessmodellen. Ik kende de hoogleraar die het boek had geschreven niet, maar toen ik het onderzoek doorbladerde werd ik gerustgesteld. Alle initiatieven en nieuwe organisaties die onderzocht en beschreven werden zijn oude bekenden. De pioniers. De vernieuwers. We organiseerden samen events. Deden aan Broedplaatsleren. Aan Rijnlands Organiseren. Aan Zelforganisatie. Kwamen samen in Seats2meet bijeen. Eigenlijk vond ik de hele site van nieuworganiseren.nu terug. Nieuwe businessmodellen; niks nieuws aan. Oude bekenden. Tegenlicht laat afleveringen zien waar iedereen over praat en die rechtstreeks afkomstig lijken te zijn uit Slow Management. Het is gelukt, we hebben het voor elkaar: nieuw organiseren. We zijn er. Empirisch bewezen. We bestaan echt.

En wat betekent dat dan voor nu? Voor ons? Voor mij? Persoonlijk was ik afgelopen jaar van de wereld vanwege mijn grote verdriet en verlies. Komend jaar wil ik de wereld weer een beetje in. Ideeën voor een nieuwe wereld. Maar welke zijn dat nu dan? Welke stappen gaan we zetten? Ga ik zetten? Er is genoeg te doen in dat wat we altijd deden. Nieuw organiseren. Sterker nog: het begint nu echt te lopen. Want waar eerst vreemd tegen de visie en werkwijze werd aangekeken (‘Huh, broedplaatsen, wat is dat voor iets vaags?’) krijg je nu gewoon de vraag om een Broedplaats te organiseren. Dat begint een beetje te lijken op de vragen die er vroeger kwamen om zelfsturende teams te implementeren. Wij willen graag het Rijnlandse model in ons bedrijf doen. En graag een beetje efficiënt. Daar zijn jullie toch van, daar bij nieuw organiseren?

Gewoon goed organiseren

Pas op wat je vraagt, want je kon het wel eens krijgen. Het lijkt ons ook te overkomen. De hele wereld is aan het Nieuw Organiseren. En hoe “Nieuw” is het dan nog. Is het niet inmiddels “Gewoon Goed Organiseren” geworden. Moeten we dan de naam van het event en de site maar veranderen? En dan, watat gaan wij dan doen? Gaan we dat wat we altijd uitdroegen nu overal verder echt vormgeven? Net als al die andere (nieuwe) adviseurs en bijbehorende bureaus die Nieuw Organiseren nu in hun portfolio hebben staan en doen.

Laten we Nieuw Organiseren zelf verder voortbewegen wellicht? Is revolutie en anarchie niet meer nodig? Omdat het logisch aan het evolutioneren is? Omdat er voldoende mensen en organisaties zijn die nu aan het werk gaan? Op de Nieuwe manier, die we nu gewoon gaan vinden? Blijven we een beetje vanuit de zijlijn meekijken om af en toe een klein duwtje te geven waar nodig of gevraagd?

Worden wij de kwaliteitsbewakers Nieuw Organiseren? De BASIS? De Kern? De Oorsprong? De Oer van het Nieuwe? Om te voorkomen dat Nieuw een buitenkantje wordt zonder waarachtige inhoud? Meer van hetzelfde zeg maar, en dan in Nieuw Verpakt. Beetje wat ze met Governance nu doen: Nieuw Besturen middels de Checklist Ethiek. Zijn wij er dan voor om tijdig bij te sturen? Te blijven vastpakken op consistent? De ziel van Nieuw te behoeden voor verkeerde invloeden? Wordt dat onze rol?

Negatieve effecten

Het zou maar zo kunnen dat we negatieve effecten gaan tegenkomen. Die van miljoenen zzp’ers die hun passie zijn gevolgd en nu niet meer weten hoe verder. Die overspannen raken van alle events, broedplaatsen, meetings en tweet-ups en daar overzicht in willen krijgen (misschien met een handig spreadsheet). Dat het best vermoeiend blijkt te zijn om je salaris steeds bijeen te moeten crowdsurfen. Dat we de vereenzaamde thuiswerkers weer naar kantoor moeten sturen. En straks willen ze toch de managers weer terug. Wie het weet mag het zeggen. Toen ik las over Holacratie (de fase na de Easycratie) bekroop me het gevoel dat het wel erg ingewikkeld wordt allemaal. ‘De holacratische organisatiestructuur bestaat uit zelf-organiserende cirkels die dubbel-gelinkt zijn met elkaar.’ ‘Doe ff normaal joh,’ hoorde ik mijn man in gedachten zeggen, ‘met je georganiseer.’

Ik ging er van verlangen naar vroeger. Het nieuwe idee dat ik er van kreeg was dat ik aan het woord RETRO moest denken. De RETRO-organisatie. Vintage organiseren. Dat vroeger weer hip wordt. Net als die truttige oranje gordijnen. Retro geeft ons een goed gevoel. Heimwee naar vroeger, maar dan zonder het keurslijf. Er is wel een kantoor en een baas, maar anders. En we gaan ook prikklokken. Geinig… Daar kreeg ik wel weer beelden bij….

Feestjes

Wat ook zou kunnen is dat we weer verder gaan pionieren. Aan de slag gaan met Nieuw Organiseren. Als we daar nog in mee kunnen, tenminste, als ‘ouwe rotten’ met dat Nieuwe. Wat nu als er inmiddels underground initiatieven aan het ontstaan zijn zonder dat wij het weten? Feestjes waar we niet meer op de gastenlijst staan? Omdat er een nieuwe generatie aankomt die hun eigen revolutie op geheel nieuwe eigen wijze organiseert. En wij dat niet in de gaten hebben. Je ziet het immers pas als je het door hebt.

Die laatste variant is natuurlijk niet waar. Wij pioniers van het Nieuwe Organiseren zullen de trends kunnen en blijven volgen. Wat?! Volgen?! We blijven ze leiden.

Toch?

Sandra van Kolfschoten (Meestersadvies), Lichtvoetig Zwaarwichtig Organiseren

Gaat het goed met Nederland? Gaat het slecht met Nederland? Elk jaar pakt de Trendrede de rode draad op die door de geschiedenis loopt en trekken ze hem weer een stukje verder naar de toekomst.

Dit jaar kon je je op maandag 2 september om 13.00 uur aanmelden om bij de Trendrede aanwezig te kunnen zijn. Ik dacht dat het wel eens druk kon worden en zette de aanmeld datum in mijn agenda. Het was waar. Binnen een dag volgeboekt met 200 bezoekers en 50 mensen op de wachtlijst.

Ook in de Trendrede komt de onderstroom boven. Het is geen kleinschalige rebellen club meer die underground opereert en die alleen de insiders kennen. Behalve de aanwezigen daar was de Trendrede trekking topic op twitter en en keken 350 mensen live mee met de Live Stream. Om nog maar niet van de ‘spin off’ deze komende dagen te spreken. Het zwermt uit. Ook dit gedachtengoed. Wat voor ons al lang trend is. De tijd van standaardisatie is voorbij, we bewegen van controle naar perspectief en werken in zelf organiserende dwarsverbindingenhet is fijn om te constateren dat de beweging waar we in geloven door een steeds grotere massa gedragen en uitgedragen wordt.
Ja. Fijn. En toch kriebelt er iets. Het zit een beetje in die massa misschien. In het ‘er allemaal achter aan lopen’ of er nu midden in zitten. Dat deze Trendrede vooral bevestigend is en minder Goh wat worden me nieuwe inzichten aangereikt. Misschien worden gewoon oud. Pioniers in de Midlife zei ik tegen Noor. Wat komt er nu?
Tegelijkertijd kwam er natuurlijk iets. En ook aangereikt in de Trendrede. Het laatste stukje gaat over Het Grote Loslaten. Niet wat je overkomt is het allerbelangrijkste, maar wat je ermee doet. We gaan weg van de maakbaarheid en stelligheid en meer naar de veerkracht en de onverwachte gebeurtenissen. Nou. Daar weet ik inmiddels alles van….
Dat bracht mij op de gedachte dat de tijd ook voorbij is van het Stellig Brengen van De Dingen. Van het Zo Moet Het Voor Iedereen Zijn Concept. Zo meende zij heel stellig ;-). En gaan we de tijd in van het Metaparadigmatisch perspectief.  Alleen voor de echte organisatie nerds is deze link trouwens. Ik zou hem niet lezen. Enorme Lap complexe tekst. Veerkrachtig bewegen in concepten die je overkomen. En de kunst daar Lichtvoetig zwaarwichtig in te kunnen bewegen. Op allerlei plekken. Hoewel ik niet denk dat ik echt al in staat ben om mijn visie en ideaal aan het Grote Loslaten te laten. Maar goed. Ook dat is een perspectief.
Gelukkig gaf De Trendrede ook aan dat het MKB de toekomst heeft. Klein is immers het nieuwe groot. Het gaat weer om vakmanschap en persoonlijk betrokken zijn. Ik zei het al eerder. Ik voel een nieuwe Trend aankomen. Dat de complexiteit waar we in terecht gaan komen en al zijn.  Ons gaat doen verlangen naar vroeger. Naar basis. Naar kern. De Retro Organisatie. Let op mijn woorden. Dat wordt (is al) een Trend. Wij gaan er in elk geval mee aan de gang. Met die ambachtelijkheid. Op geheel nieuwe plekken.
Voor de Trendrede kijk hier
en voor mijn er ook weer iets van vinden. Bij uitzending gemist op 1 uur 12. Toen kreeg ik even de microfoon.